Pagina:HuygensCornelieDarwinMarx1901.djvu/93

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is niet proefgelezen

82

samenlevingen van uur tot uur. Het openbaart zich in de verhouding tusschen de geslachten. Het openbaart zich in het dagelijksch wederkeerend klein-gewriemel tusschen de individuen van een samenleving. Daar herhaalt zich inderdaad in cultuurvorm het dagelijksch en uurlijk klein-gewriemel om een kleine of grootere buit tusschen de individuen van een zelfde diersoort in de natuur.

Maar dit moet niet verward worden met het overwinnen van de sterkste of geestelijk best aangepaste soorten door Darwin bedoeld, niet met het de eeuwen omvattend ontwikkelingsproces, door hem in zijn werken ons voorgelegd. Zoo ook kon alleen de ontdekking der langzame geleidelijke historische klassenvormingen en klasse-worstelingen of klasse-ondergangen en overwinningen de cultuurontwikkeling en hare wetten openbaren.

En bij die klasse-vormingen en ondergangen is de economische macht of onmacht zeer zeker een beslissende factor, doch juist in tegenovergestelden zin als de bourgeois-Darwinisten meenen. Het erfelijk geldbezit of de erfelijke machtsuitoefening en het geheel onttrokken zijn aan de natuur, het zich verwijderen van de natuur, het gaan beklimmen van de gezagstorens, door de natuurkrachtigen gebouwd, ontzenuwt en verzwakt na vele generaties dermate, dat ontaarding onvermijdelijk volgt.

Dit lot ondergingen dan ook in de geschiedenis alle volken, alle klassen, alle familiegeslachten, die eerst langzaam en door eigen kracht opgestegen—even langzaam, met snelle opflikkeringen nu en dan, hun eigen ondergang bewerkten.