Pagina:In Het Jaar 2000 (Bellamy1890).djvu/190

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen

182

beletten. Als wij op een keer eens veel tijd hebben, zal ik u vragen mij duidelijk te maken wat mij nooit duidelijk is geworden, schoon ik het onderwerp goed heb bestudeerd, hoe zulke scherpzinnige lieden als uwe tijdgenooten in veel opzichten schijnen geweest te zijn, er ooit toe gekomen zijn om de taak van de gemeenschap te voorzien, toe te vertrouwen aan personen wier belang het was haar te laten verhongeren. Ik verzeker u dat wij er ons over verwonderen, niet dat de wereld niet rijk werd door zulk een stelsel, maar dat zij niet ontvolkte door louter gebrek. Deze verbazing neemt toe wanneer wij de andere groote oorzaken van verlies beschouwen.

"Afgescheiden van de verkwisting van arbeid en kapitaal door kwalijk geleide ondernemingen, en door het voortdurend onderling bestrijden, was uw systeem onderhevig aan periodieke schokken, die zoowel de dommen als de slimmen overstelpten, den gelukkigen schurk en zijn slachtoffer. Ik bedoel de handelscrisissen met tusschenpoozen van vijf tot tien jaar, die de inspanning van het volk verloren deden gaan, alle zwakke krachten uitputten en de sterken aan het wankelen brachten, en gevolgd werden door slappe tijden, die somtijds even lang duurden, en die de kapitalisten gebruikten om hunne middelen weer te verzamelen, terwijl de werkende klassen honger leden en oproerig werden. Dan kwam er een kort tijdvak van voorspoed, op zijn beurt door een crisis gevolgd en de noodzakelijke jaren van uitputting. Naarmate de handel zich ontwikkelde, en de landen onderling afhankelijker werden, kregen die crisissen een wereld-beteekenis, terwijl de hardnekkigheid van de jaren van verval toenam met de uitgebreidheid van de grenzen waarbinnen de schok werd gevoeld, en het daaruit volgend ge-