Pagina:Keulemans Onze vogels 1 (1869).djvu/525

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen


 

DE DONKERE BERGEEND.

ANAS TADORNOIDES.


Er bestaan eenige Eendensoorten, welke door hare vormen van de Zwemeenden afwijken en meer den overgang van dezen tot de Ganzen vormen. Zij maken eene groep uit, welker soorten in zeer verschillende gewesten leven, en waartoe, in Europa, de Bergeend (Anas tadorna of Tadorna vulpanser) behoort. Deze groep vormt de nieuwe geslachten Tadorna en Casarca en bestaat uit de volgende soorten: 1°. de Bergeend (T. vulpanser); 2°. de Donkere Bergeend (T. tadornoïdes); 3°. de Zwartkop-Tadorna (T. variëgata), waarvan het wijfje een witten kop heeft, en 4°. de Radja-Eend (T. rhadjah), waarop de Casarca's volgen, als: 1°. de Gewone Casarca-Eend (C. rutila), en 2°. de Groote Casarca (C. cana). Voor Tadorna variëgata wordt ook dikwijls de naam Casarca variëgata gebezigd, omdat deze den overgang van het eerst- tot het laatstgenoemde geslacht schijnt te vormen. Het meest van elkaêr in vorm verschillend zijn de Tadorna rhadjah en de Casarca cana.

De Donkere, hierbij afgebeelde Tadorna bewoont het Zuid-Westen van Australië, alwaar hij, meestal in menigte, aan de monden der groote rivieren wordt aangetroffen, hoewel hij meer in het gebergte dan bij het water leeft; hij schijnt zich namelijk bij voorkeur in zulke streken op te houden, waar de grond uit vlakke, kale steenen bestaat, en waar weinig groen of schaduw te vinden is. In Tasmanië treft men hem dan ook op kale rotsen en nabij het zeestrand aan.

De Waard (het mannetje) onderscheidt zich van de Eend (het wijfje) door zijn zwaarder stemgeluid, door zijne meerdere grootte en doordien hij geen wit aan den kop heeft. De Eend heeft namelijk een witten band aan het voorhoofd, langs den snavel en om het oog een witten ring, den witten halskraag minder duidelijk, en hetgeen bij het mannetje geelachtig is, wordt bij het wijfje door eene