Pagina:Land en volk van Sumatra (1916).djvu/139

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is niet proefgelezen

99

Het feit, dat Sumatra in alle maanden des jaars regen heeft, is van veel belang voor den landbouw, ook voor den grooten landbouw. Tabak, rubber en thee verlangen zulk een klimaat.


§ 22. Aard van den bodem en zijne geschiktheid voor den landbouw.

Java is het land van het tertiair en de vulkanen. Zuid-Sumatra sluit zich in dit opzicht bij Java aan, doch in bescheiden mate treden daarnaast oude sedimentgesteenten op. In Midden-Sumatra komen primaire en tertiaire gesteenten gelijkelijk in de gebergten voor, doch gesteenten uit het alleroudste of archaeïsche tijdvak ontbreken bijna geheel. In Noord-Sumatra worden de laatste talrijk en treedt het vulkanisme op den achtergrond, terwijl de vulkanen, die er nog zijn, van de Westkust naar de Noordkust overgaan. Het karakter van het land is dus hier: Eene archaeïsche en palaeozoïsche onderlaag, in de hooggebergten vrij voorkomend; in de lagere deelen met eene bedekking van tertiair; beide hier en daar door oudere en jongere vulkanische gesteenten bedekt. Uit de hoogte, waarop nog jong tertiair wordt gevonden, blijkt dat de rijzingen en dalingen zeer krachtig zijn geweest binnen een kort tijdsverloop. In den tertiairen tijd bestonden er vele meerbekkens, die eerst in den kwartairen tijd droog werden. Secundaire of mesozoïsche gesteenten zijn schaarsch; in dat tijdvak moet dus bijna geheel Sumatra bestendig vastland zijn geweest.


Werkende vulkanen.

Het aantal werkende vulkanen is, voorzoover thans bekend, 14: de Krakatau, Dempo, Kaba, Piek van Koerintji, Talang, Merapi, Tandikat, Talamau, Sorik Merapi, Poesoek Boekit, Sibajak, Sinaboen, Boer Tèlong en de Seulawaih Agam. Wellicht moet men tot de werkende vulkanen nog rekenen het eiland Wè, waar nog warme bronnen en solfataren voorkomen, benevens den Dolok Soeroengan, en den Geureudong (niet die benoorden den Boer Tèlong), ruim 1800 M. hoog, in boven-Seunagan, in de Westelijke barisan van Atjeh, welke volgens oudere berichten de eenige werkzame vulkaan in Atjeh zou zijn. Verder behoort hiertoe de kleine Walirang in de Blalau.

De vulkanische gesteenten van Noord-Tapanoeli hebben zich slechts