Pagina:Reize door de majorij van 's Hertogenbosch.djvu/77

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen

( 65 )

gewijde klok was. – Men leest op dezelve een bijna onleesbaar opſchrift, zijnde met Monniken letters in Monniken latijn geſchreeven. Hier is het:

Jhs Maria Jobannes
En cano voce pia q̄ dicor fcā Maria
Ad mea fessa veni qui vis de morte tueri
Signāt mcccc decem noviesqs
Annum quo Nuenen venientis Jan fuit actor

Alles is met kleine letteren geſchreeven, uitgenomen de eerſte letteren van Jhs, Johannes en Jan. – Zie verder over dit opſchrift de Algemeene Vaderlandſche Letteroeffeningen voor 1796, (Mengelw. bl. 454 en 55.) waarin één mijner Vrienden hetzelve, verzeld van eenige aanmerkingen, heeft laaten plaatzen. – De tweede klok heeft niets van aanbelang. – Op de derde leest men met groote latijnſche letteren:

Nvnqvam confvsvs si Deo confisvs.

Ook ziet men nog in het overgebleeven ſtuk van den Wester-muur van den tooren, op eenen witten ſteen, het volgend opſchrift met groote latijnſche letteren:

HIER RVST S. QVIRINVS.

Deeze Quirinus is de bcſchermheilig van Nunen, en ligt hier ook, volgends de oude overlevering begraaven. – Aan bijgeloovigen word

door

E