Pagina:Winkler-Zand en duinen (1865).djvu/62

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd
50
BOOMEN OP DE DUINEN.

opzigte van de boomen die men ter beplanting verkozen heeft, door het klimaat. In 1850 zijn er tusschen den mond van den Weichsel en Kahlberg 6 300 bunders duin voor verstuiven behoed geworden en daaronder 1900 met dennen en berken beplant, en tusschen Kahlberg en de oostelijke grens van Pruissen 8000 bunders, en belangrijke voorbereidende werkzaamheden zijn er sedert genomen om ook de duinen op de westelijke kust te bevestigen.

Maar in ons land zijn de duinen nog niet met bosschen bedekt, hoe dikwijls ook vele mannen, die het wel meenen met het vaderland, daarover gesproken en geschreven hebben. Met regtmatigen trots mogen wij ook in deze zaak wijzen op onzen grooten geoloog Dr. Staring. Op zijn aanhouden heeft de regering eindelijk besloten hem toe te staan de proef te nemen in hoeverre het met bosch bedekken der duinen ook in Nederland mogelijk is. Niet dennen zaaijen moet men, maar jonge dennen verplanten met de kluit. Op een paar plaatsen, bij den Haag en bij Schoorl, neemt men thans proeven; dat die pogingen gelukken mogen en eenmaal onze duinen met opgaand geboomte mogen prijken, welk Nederlander zou het niet wenschen!


En welke boomen zijn het best voor dat doel geschikt? Het spreekt wel van zelf dat het klimaat een groot onderscheid maakt in de boomsoort die verkozen moet worden. De boom dien men bevonden heeft het best op de duinen van de fransche kust te tieren en die tevens het zand het best vasthoudt en ook