Pagina:WitteHeinrichFlora1868.djvu/92

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen

48

der uitgroeit en in Augustus mild, lang en zeer fraai bloeit. De stengels bereiken ongeveer 2 a 2½ voet hoogte en zijn met naar boven toe steeds kleiner wordende bladeren bezet, terwijl de onmiddellijk uit den grond te voorschijn komende bladeren, wortelbladeren genoemd, ruim twee palm lang zijn en door 2 à 3 palm lange, dunne steelen gedragen worden.

Alleen bij zeer gunstige zomers brengen de bloemen goede zaden voort; de plant is echter, gelijk de meeste overblijvende of vaste planten, gemakkelijk in 't voorjaar door scheuring te vermenigvuldigen .

Ze heeft weinig omvang en is dus met een bescheiden, mits zonnig, plaatsje, in voedzamen grond tevreden; en dat plaatsje is ze overwaard.