Pagina:WitteHeinrichFlora1868.djvu/98

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen

52

kweekers, en werd dan ook spoedig sterk vermenigvuldigd en allerwege door Europa verspreid. Zelfs nog heden, nadat een zoo groot aantal prachtig bloeijende boomen en heesters, zoo uit Amerika als inzonderheid uit China en Japan, tot ons kwam, bekleedt de Pyrus spectabilis daaronder eene eerste plaats.

En geen wonder! Reeds in 't begin van Mei komen de donkerroode knoppen, in ongeloofelijk groot aantal, uit de nog genoegzaam kale takken van den zich sterk in omvang ontwikkelenden, heesterachtigen boom te voorschijn. Naarmate de bloemknoppen zwellen, ontplooijen zich ook de bladeren, terwijl de donkerroode kleur van gene trapsgewijs in een lichter rood en vervolgens, als de bloemen zich openen, in een zacht rose overgaat.

Dan is deze heester op zijn fraaist en levert, inzonderheid als hij reeds eenigen omvang verkreeg, een onbeschrijfelijk prachtig schouwspel op. Een aantal donkerroode knoppen vermengen zich met de zacht rooskleurige bloemen, waartusschen het teedere groen der nog maar halfvolwassen bladeren een effect maakt, waarvan onze overigens keurig uitgevoerde afbeelding slechts een zeer onvolledig denkbeeld geven kan.

De bloemen zijn half gevuld. De bloei duurt vrij lang, inzonderheid als het weder dan niet te warm en de heester niet altezeer aan den zonneschijn blootgesteld is.

't Is alweêr een van die heesters, die voor elken tuin geschikt geacht kunnen worden, en daarvoor werkelijk alle aanbeveling verdienen, ofschoon die aanbeveling wel voor niemand, die een blik op onze plaat geworpen heeft, meer noodig zal wezen.

De vruchtjes hebben den vorm van zeer kleine appeltjes en zijn, naar men wil, als ze eenigen tijd tusschen stroo bewaard zijn, zeer goed eetbaar. Hoe rijk en prachtig de heester ook ieder voorjaar bloeit, vruchtjes brengt hij niet veel voort.

De vermenigvuldiging geschiedt door zaden of ook door veredeling. De heester is wel is waar niet keurig ten aanzien van den grond, maar toch is een goede tuingrond verkieselijk en eene al te natte standplaats af te raden. Reeds vrij jong begint hij te bloeijen, zoodat men zich gewoonlijk reeds het eerste jaar na de planting in 't gezigt daarvan verlustigen kan.