Pagina:WitteHeinrichWandelBennekom1902.djvu/118

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd
91
NAAR EDE.

gelijk, zijn zeer schoon, en zoo trok deze plaats dan ook reeds sedert vele jaren 's zomers een aantal bezoekers.

Na deze korte kennismaking, die echter voor hem, die goed uit zijn oogen ziet, geen oppervlakkige behoeft te zijn, keeren we langs den straatweg weer naar 't Station terug.

Wij konden een anderen weg nemen; een mooi pad over den Klinkenberg en de hei. Om twee reden doen wij dit thans echter niet. Vooreerst omdat men een mooien weg, zoo men hem goed wil leeren kennen, in beide richtingen moet bewandelen, en ten anderen omdat we op onze volgende wandeling ook te Ede kunnen uitkomen, maar dan het dorp zijdelings zullen laten liggen, om over de hei terug te keeren.

Daarom wilden wij ook eerst Ede bezoeken, waar we anders op de volgende wandeling te vermoeid zouden aankomen, om er veel notitie van te nemen.

Ook was het ons om het bedoelde kaartje te doen. Kan men niet vooraf naar Ede gaan, dan bestelle men het aan den bode van Ede die dagelijks door Bennekom komt.

De tijd dien men voor deze wandeling behoeft is niet wel te bepalen, daar dit afhankelijk is van de gelegenheid met welke men naar Bennekom per tram terugkeert. Zoo kan men b.v. ook met den nieuwen lokaalspoor naar het station terugkeeren; ook zal men zich allicht te Ede ophouden; dit richt men dus in naar omstandigheden; genoeg als men weet dat men, rustig wandelende, binnen drie kwartier van Ede aan 't Station is.