Provinciale Drentsche en Asser Courant/Jaargang 99/Nummer 259/Schilderijententoonstelling

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Schilderijententoonstelling
Auteur(s) Anoniem
Datum Vrijdag 3 november 1922
Titel Schilderijententoonstelling
Krant Provinciale Drentsche en Asser Courant
Jg, nr 99, 259
Editie, pg [Dag], [3]
Provinciale Drentsche en Asser Courant vol 099 no 259 Stadsnieuws, Schilderijententoonstelling.jpg
Brontaal Nederlands
Bron delpher.nl
Auteursrecht Publiek domein

SCHILDERIJENTENTOONSTELLING.

      Vanwege den Asser Kunstkring wordt morgen een tentoonstelling geopend van schilderijen van Kees van Urk.
      Over het werk van dezen schilder ontvingen wij zeer gunstige recensies.
      Just Havelaar zegt naar aanleiding van een Haagsche expositie:
      „Een jong schilder, Kees van Urk, exposeert in Pictura. Er spreekt uit dit wisselvallihe werk een ernst en een gevoelskracht, die men in den arbeid der jongeren en jongsten zelden aantreft.
      Van Urk beseft de beteekenis van den beeldenden vorm. Hij beschrijft niet en hij droomt niet; hij beeldt! Hij zoekt de monumentale aangeslotenheid van den vorm. Hij heeft stijl, gevoel. Daarbij doet hij zich kennen, als zinnenden geest, een mensch, die iets beleeft, die iets te zeggen heeft, in wien wat woelt...... Hij is een denkend kunstenaar, geen kunstzinnig theoreticus, als zoovelen!”
      Vooral roemt Just Havelaar dan zijn teekeningen en schilderingen van het koren en den arbeid in het koren, de nettenboetsters, het „expressieve zelfportret, dat een schakel vormt tusschen Cèzanne en Van Gogh”.
      Theo van Doesburg schrijft in „Eenheid”:
      „Zijn werk geeft den indruk van iemand, die ernstig wil, scheppingskracht heeft en volharding. Een Werkman. En die geen oogenblik laat voorbijgaan zonder zich aan de stof mee te deelen”.
      „De Leidsche Courant” oordeelde na een tentoonstelling aldaar: „Een sympathieken kusntenaar mogen wij begroeten in Kees van Urk – een modernen kunstenaar, maar... goddank, geen pessimist, een blijkbaar naar blijheid verlangenden mensch..., met zeer krachtigen en diepen schoonheidsdrang”.