De Génestet/Niet bezorgd

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

NIET BEZORGD

Boven mijn hoofd aan zijden draad
   Slingert het zwaard al heen en weder,
’t Moét vallen – vallen, vroeg of laat!
   Het trilt, het velt mij neder!
Doch om mijn hoofd ook ruischt een stem,
   Te midden van al mijn vreezen,
Die mij gebiedt met zachten klem,
   Tóch niet bezorgd te wezen.