Pagina:Album der Natuur 1854 en 1855.djvu/104

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen

— 90 —

Over de ronddraaijing zelve behoeft men zich hierbij niet te verwonderen, dewijl deze beweging steeds zal moeten ontstaan, zoo dikwijls als twee luchtstroomen elkander ontmoeten, welker rigting veel verschilt. Uit het bijgebragte aangaande den Rodriguez-storm is ons gebleken, dat de oorzaak des storms niet in het middelpunt zelve te zoeken is; dit sluit zich volkomen aan deze veronderstelling aan, want hierbij vinden wij deze in den omtrek van den cirkelstorm, door den wederzijdschen aandrang van twee magtige tegengestelde luchtstroomen.

Enkele natuuronderzoekers hebben, door waarneming daartoe geleid, de meening geuit, dat het onweer een verschijnsel is, dat de vermenging van luchtstroomen, die in verschillenden elektrischen toestand zijn, vergezelt. Indien deze meening waarheid ware, zoude zij ons den sleutel geven tot de verklaring der elektrische verschijnselen, die met de orkanen gepaard gaan. Het bij voorkeur plaats hebben der zelve aan de aequatoriale zijde van den storm, verdient hierbij zeer de aandacht; eene nadere verklaring moet echter eerst na veelvuldig onderzoek ondernomen worden.

De rigting, waarin de draaijende beweging van orkanen plaats heeft, levért weinig bezwaar ter verklaring op, indien wij de gemelde veronderstelling aannemen van een ontstaan door de onderlinge ontmoeting van luchtstroomen, die zeer in rigting verschillen. Voor den Zuider Indischen oceaan loopt dit als van zelf in het oog.

Voor den Atlantischen oceaan levert de verklaring echter tot heden nog eenige moeijelijkheden op.

Het veranderen van de koersen, die de stormen nemen, verdient in hooge mate de aandacht. Die van den Zuider Indischen oceaan buigen zich namelijk, in de nabijheid van de eilanden Rodriguez of Bourbon, meer naar het Zuiden en veranderen later nog meer van rigting. Doch let men op de plaats waar dit geschiedt, dan loopt het aanstonds in het oog, dat aldaar de storm buiten de grens van den passaat komt. Ditzelfde is ook met de stormen in den Noorder Atlantischen oceaan het geval. Zoodra zij de grens van den Noordoostpassaat overschrijden, veranderen zij hun loop, en wenden zich naar het Noordwesten, zoodat zij zelfs de kusten van Europa naderen.