Pagina:Arbeiders.djvu/46

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen

44

welke Sören Borevig maakte en reeds begon' hij na te rekenen, hoevele dagen zouden moeten verloopen eer er antwoord kon komen.

Toen hij weer naar binnen ging, moest hij nog de melk in de vaten gieten en uiterst langzaam ging het hem af. Hiermede gereed zijnde, ging hij naar hoven, opende de deur van Christina's kamertje, en zag in het half donker, dat er heerschte, rond. Hij draaide den sleutel om en stak dien in den zak. Toen hij weer naar beneden ging, en de trap onder zijne zware voetstappen zoo kraakte, dat dit geluid alleen de doodsche stilte in het huis verbrak, schoten hem de woorden van Sören Börevig te binnen, dat het recht zijnen loop moest hebben.

Lang was hij te bed zonder in slaap te kunnen komen. Zijn hoofd had vandaag te veel werk gehad en zijne ledematen te weinig. Hij miste dat vermoeide in armen en beenen, hetwelk hij anders altijd voelde, wanneer hij zich op zijn bed uitstrekte; hij begon integendeel aan allerlei vreemde zaken te denken; hetgeen anders volstrekt niet zijne gewoonte was. En Njaedel, die anders onder het zwaarste onweer door bleef werken, werd nu telkens in zijnen slaap door de kat gestoord, die in de keuken of wel voor Christina's kamer mauwde.



V.

Wanneer een stroom tegen eene vooruitstekende punt lands stoot, stroomt het water deze voorbij, doch keert op zijnen weg terug, wanneer hij de bocht achter die kaap met eenen kleinen maalstroom heeft gevuld. Komt een stukje hout met den stroom meedrijven, zoo geraakt het in dezen maalstroom; het draait in de bocht rond, en komt weer bij de kaap, waar het echter door den stroom