Pagina:Arbeiders.djvu/56

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd
54

kocht, wat maar goed is, want het geleek op de verwoesting van Sodom en Gomorra in den koestal en in de melkkamer, daar de koeien onder het melken zoo schopten; maar jouw zwarte koe en die, welke hij bij den pachter van den dominé heeft gekocht, zijn er nog, en geven goed melk, omdat hij ze naar mijn domme verstand te veel voer geeft, wat hij echter niet erkennen wil; hij wordt zelfs boos als men er van spreekt. Veranderlijk weer hebben wij gehad, regenbuien en storm op zee, zooals ik ook in de couranten heb gelezen, dat een hevige cycloon over den Atlantischen oceaan en het kanaal is gevaren en een groot vaartuig van Cristiania, dat van Kubach kwam—of was het misschien Nevrok—zijn voormast verloren heeft; maar daarnaar kunt ge vragen en er mij eene nauwkeurige beschrijving van geven. Je vader groet je, zoo ook met buitengewone hoogachting de ondergeteekende

Lauritz Boldemann Sechus.


VI.

In den herfst, wanneer de familie Falck-Olsen van hare villa naar de stad terugkeerde, gafzij altijd een groot bal. De groothandelaar—op dien titel was hij zeer gesteld—hechtte zeer aan dit bal, waarop hij, behalve de jongelui, die werken, dat is dansen moesten voor hun souper, ook eenige der voornaamste familiën van de stad uitnoodigde.

Wanneer al de jongelui meê werden geïnviteerd, vond hij, dat hij zijne uitnoodigingen tot buiten zijnen gewonen kring kon uitstrekken: hij had toch gelukkig ruimte genoeg in zijn huis; wanneer hij kleinere partijen gaf, ging het moeielijker.

Maar de groothandelaar Falck-Olsen behoorde tot de par-