Pagina:Darwin - Het ontstaan der soorten (1860).djvu/193

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd
177
GESTREEPTE PAARDEN.

men beschreven zonder de schouder- en de rugstreep; en die strepen zijn soms zeer onduidelijk of wel geheel onzigtbaar bij donkerkleurige ezels. Den koelan van pallas wil men met eene dubbele schouderstreep gezien hebben. De dziggetai, Equus hemionus, heeft geen schouderstreep, maar somtijds ziet men, volgens blyth en anderen, sporen daarvan te voorschijn komen; en door kolonel poole ben ik onderrigt dat de veulens van deze soort gemeenlijk gestreept zijn op de beenen en ook, maar flaauw, op de schouders. De koeagga, ofschoon zoo gestreept als een zebra op het lijf, heeft geene strepen op de beenen; doch Dr. gray heeft een voorwerp afgebeeld met zeer zigtbare, op die van den zebra gelijkende strepen op de bovenbeenen.

Ten opzigte van het paard heb ik voorbeelden verzameld van de rugstreep of zoogenoemde aalstreep bij paarden van de meest verschillende rassen en van alle kleuren. Dwarsstrepen op de beenen zijn niet zeldzaam bij bruinen, muisvalen en kastanjebruinen; eene zwakke schouderstreep wordt soms bij muisvalen gezien, en een spoor daarvan heb ik gezien bij eenen vos. Mijn zoon heeft voor mij eene teekening gemaakt van een bruin vlaamsch karrepaard met eene dubbele streep op elken schouder en met beenstrepen; en iemand, die ik vertrouwen kan, heeft voor mij een kleine bruine hit onderzocht met drie korte, evenwijdig loopende strepen op elken schouder.

In het noordwesten van Indie is het kattywar-ras zoo algemeen gestreept, dat volgens zeggen van kolonel poole, die dat ras voor het gouvernement heeft onderzocht, een paard zonder strepen beschouwd wordt als van onzuiver ras te zijn. De aalstreep is er altijd; de beenen zijn in het algemeen gestreept; en de schouderstreep, die soms dubbeld en soms driedubbeld is, vindt men bijna altijd: bovendien zijn de zijden of de wangen somtijds gestreept. De strepen zijn het duidelijkst bij de veulens en verdwijnen somtijds bij oude paarden