Pagina:Darwin - Het ontstaan der soorten (1860).djvu/214

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd
198
BEZWAREN TEGEN DE LEER.

hameren en verbrijzelen, op de zelfde wijze als de boomklever, Sitta europæa, doet. In Noord Amerika is door hearne gezien dat een zwarte beer uren aaneen met wijd geopenden muil rondzwom, en op die wijze, bijna als een walvisch, waterinsekten ving.

Indien wij somtijds individuen van eene soort zien, die gewoonten hebben zeer verschillend van die hunner eigene soort en van andere soorten van het zelfde geslacht, dan mogen wij, naar mijne wijze van zien, verwachten dat zulke individuen somtijds aanleiding zullen gegeven hebben tot het ontstaan van nieuwe soorten, met andere gewoonten en met eene ligchaamsinrigting min of meer verschillend van die harer eigene grondvormen. En zulke voorbeelden komen er in de natuur voor. Kan men een beter voorbeeld van geschikt zijn voor zijne levenswijze geven dan dat van den specht, die op de boomen klimt en insekten haalt uit de spleten van den bast? En echter zijn er in Noord Amerika spechten die grootendeels van vruchten leven, en anderen met lange vleugels die insekten in de vlugt vangen; en op de vlakten van la Plata, waar geen enkele boom groeit, leeft een specht die door elk wezenlijk deel zijner bewerktuiging, door zijne kleur, door den raauwen klank van zijne stem, en door zijne golvende vlugt het duidelijkste bewijs geeft van zijne naauwe bloedverwantschap met onzen gewonen specht, Picus, en toch is het een specht die nooit op een boom klimt!

De stormvogels, Procellaria, zijn die vogelen welke het meest van allen in de lucht en op de golven der zee leven: echter zou men in de rustige baaijen van het Vuurland de Puffinaria berardi, die zeer gemakkelijk onder water duikt en slechts onwillig vliegt, zekerlijk houden voor een alk, Alca, of een fuut, Podiceps: echter is hij een echte stormvogel, doch in vele deelen zijner bewerktuiging zeer gewijzigd. Aan den anderen kant zou de scherpzinnigste waarnemer bij het onderzoeken van het doode ligchaam van de waterspreeuw,