Pagina:Darwin - Het ontstaan der soorten (1860).djvu/280

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen
264
REGISTER
 

W.

Waterdieren (Staart van), blz. 210.
Waterhouse, over buideldieren, 129.
  over cellen van ogen, 241.
  kenmerken, 165.
  de veranderlijkheid, 164.
Waterhoen, 199.
Waterkever, 88.
Waterspreeuw, 198.
Watertorren (Vechtende), 100.
Watson, over planten van de Azoren, 155.
Weekdieren, 196.
Werktuigen van weinig belang, 209.
  (Zamengestelde), 200.
Wintereik, 61.
Westwood, over insekten, 67.
  over kevers, 171.
Weverskaarde, 41.
Winterkoningje, 255.
Wollaston, over de kleur der insekten, 146.
  over fossile slakken, 63.
    insekten, 60.
    kevers v.Madeira, 150.
Wijzigingen (Erfelijke), blz. 22.
  (Nuttige), 211.


Y.

IJsstormvogel (Noordsche), 76.
IJsvogel, 197.
Youatt, over de kunstkeus, 42.


Z.

Zaailingen, 19.
Zalm (Kaak van den), 248.
Zalmen (Vechtende), 100.
Zandwesp, 234.
Zanglijster, 87.
Zeepuist, 189.
Ziekten (Erfelijke), 24.
Zoetwaterplanten, 65.
Zoetwaterpolyp, 204.
Zomereik, 61.
Zoogdieren van Engeland, 30.
Zwemblaas, 204.
Zijdevrucht, 208.
Zijdeworm, 24.