Pagina:Darwin - Het ontstaan der soorten (1860).djvu/287

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen


klaard uit de leer van afkomst met wijzigingen.—Over de rangschikking van rassen.—De afkomst wordt altijd bij de rangschikking in acht genomen.—Gelijke en aangenomene kenmerken.—Over de algemeene, de zamengestelde en de uiteenloopende verwantschappen.—De uitsterving scheidt en bepaalt de groepen.—Over de vormleer.—Gelijke vormen van leden der zelfde klasse en van gedeelten van het zelfde individu.—Over de kiemleer.—Hare wetten zijn te verklaren uit de veranderingen die niet in jeugdigen leeftijd verschijnen, maar wel op een leeftijd van het individu, overeenkomende met dien van de ouders.—Werktuigen die in beginsel aanwezig zijn.—Verklaring van hunnen oorsprong.—Overzigt Blz..... 175—225.


ALGEMEEN OVERZIGT EN BESLUIT.


Overzigt van de bezwaren tegen de leer der natuurkeus.—Overzigt van de algemeene en bijzondere omstandigheden ten gunste van die leer. — Over de oorzaken van het algemeene geloof in de bestendigheid der soort.—Tot hoe ver mag de leer der natuurkeus uitgestrekt worden.—De uitwerkselen dier leer op de studie der natuurlijke historie.—Besluit Blz...... 226—261.


NASCHRIFT VAN DEN VERTALER...... Blz. 259—261.