Pagina:Evangelische gezangen om nevens het boek der psalmen bij den openbaren godsdienst in de Nederlandsche Hervormde gemeenten gebruikt te worden.djvu/43

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen
GODS ALMAGT.

5.

 Gij schreeft natuur haar wetten voor.
 En sints kon niets haar’ loop beletten;
 Maar, waar ’t uw wijsheid ooit verkoor,
 Onthief één wenk haar aan die wenen:
Dan staafdet Gij uw eindloos albestuur
Als Opperheer en Schepper der natuur.

6.

 Maar meest in uw genaderijk
 Vertoont uw almagt liefdemerken;
 Uw lokken is geen’ dwang gelijk,
 Gij werkt het willen en het werken:
Uw liefde wekt in ons dien liefdegloed,
Dat ook ons hart U eeuwig lieven moet.

7.

 Zoo vaak dan ’t hart tot Jezus vlugt,
 En zich beveelt aan zijn genade,
 Of op uw woord vertrouwend zucht,
 Dat ons uw bijstand koom te stade ;
Dan breekt uw magt der zonden heerschappij,
En maakt de ziel ten eeuwgen leven vrij.

8.

 Erbarmer! o die liefdemagt
 Verheerlijk’ zich door heel ons leven!
 Gij werkt al ’t goed, en elke kracht
 Ter deugd is ons door U gegeven.
Hij, die ’t getrouwst op aard zijn taak verrigt,
Is ’t meest aan U en uw gena’ verpligt.

XI.
C