Pagina:HuygensCornelieDarwinMarx1901.djvu/68

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is niet proefgelezen

57

Hiermede gaf hij wel de juiste richting van onderzoek aan, maar eensdeels kon hij in zijn tijd, en vóór Darwin, de menschengeschiedenis nog niet aanschouwen als een stuk gewijzigd of veredeld natuurleven zelf, met zijn strijd en zijn teeltkeuze in cultuurvorm, niet zien de menschenmaatschappijen als manifestaties van het natuurproces; anderdeels vermocht hij er zich geen rekenschap van te geven, dat wat hij noemt de "natuurinwerking" op den mensch niet was direct, maar indirect. De hoofdfactor in het leven der cultuurvolken: het arbeidsproces, dat met zijn arbeidsverdeling, zijn technische productie-krachten en zijn hoog gewelf van bezits- en rechtsvormen, tusschen de natuur en den cultuurmensch staat, werd door hem niet als de stuwkracht gezien.

De vele moderne vorschers, die, reeds lang vóór Marx, de menschengeschiedenis beschouwden als geleid door determineerende krachten, de velen die, zooals o.a Montesquieu, aannamen vaste wetten voor de beschavings-ontwikkeling, niet alleen onafhankelijk van den wil der individuen maar die integendeel het menschelijk willen in een bepaalde richting leidden, erkenden nog niet wat men zou kunnen noemen de werkelijkheidselementen daartoe door de natuur opgeroepen. Zij vergaten een verbindingsschakel, en het was die schakel: het arbeidsproces—die er door Marx werd tusschengevoegd. Aan dat arbeidsproces gaf hij al zijn aandacht. Dit proces was in laatste instantie afhankelijk van de natuur, van klimaat, bodem, ras-invloeden, natuurverschijnselen. Maar de cultuurmensch was weder het geestelijk product van