Pagina:Keulemans - Vogels van de Kaap-Verdische Eilanden (1866).pdf/18

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd

— 380 —

LANIUS?

Deze vogel, dien ik eenige malen waargenomen, doch niet in handen gehad heb, scheen mij toe niet van Lanius excubitor te verschillen. Hij wordt slechts na den regentijd, van November tot Januari, op Prinseiland gevonden.

Het is zeer waarschijnlijk, dat hij dit eiland slechts op den trek bezoekt; ten minste nam ik hem gedurende de zomermaanden niet waar, niettegenstaande ik mij toen op zulke plaatsen bevond, waar hij in andere jaargetijden gevonden wordt. Men treft hem in de hooger gelegen boschrijke streken aan. Hij zit gewoonlijk in eene rustende houding, meestal laag bij den grond, vooral op de ontoegankelijkste plaatsen, alwaar men zich met bijl en sabel een weg moet banen.

Vele inwoners kennen dezen vogel, zonder hem echter een bijzonderen naam te geven.


CORACIAS BENGALENSIS.

Deze vogel, dien ik op Prinseiland eenige malen waarnam, komt aldaar slechts op den trek of ten gevolge van bijzondere omstandigheden voor. In November en December 1865 trof ik er twee langs het strand aan, waarvan ik een schoot, namelijk een wijfje.

De pooten zijn vuilgeel, de bek is zwartachtig en de iris donkerbruin. Het andere voorwerp, dat ik niet machtig worden kon, was iets blauwer en waarschijnlijk een mannetje. Beide waren zeer schuw. Zij zaten langs de baai, meestal in een en denzelfden boom, op hun buit te loeren, die uit sprinkhanen en andere groote insekten bestaat.

Later heb ik geene andere waargenomen, en daar deze vogel aan geen der inwoners bekend was, vooronderstel ik dat hij van de kust van Afrika was verdwaald.


PSITTACUS ERYTHACUS.

Deze alom bekende papegaaisoort is op Prinseiland zeer algemeen. Tusschen de twee seksen bestaat geen uiterlijk verschil. De ouden zijn doorgaans iets donkerder van kleur dan de jongen. Wanneer de vederen nat worden, krijgen zij eene blaauwe tint. De jongen hebben een grijze iris; bij de ouden is die wit.

Hun voedsel bestaat uit vruchten en zaden, vooral palmnoten.

De broeitijd dezer papegaaien is geregelder dan bij de meeste andere