Pagina:Max Havelaar of de Koffiveilingen der Nederlandsche Handelmaatschappy (vyfde druk).djvu/57

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd
45

– Dat weet ik niet. Hy is uit, en zoekt geld om een verfdoos voor me te koopen. (Frits zegt: verwdoos, maar dit doe ik niet. Verf is verf, en geen verw.)

– Stil, myn jongen, zei de vrouw. Speel wat met je prenten of met de chinesche speeldoos.

– Je weet immers dat die m'nheer gister alles heeft meegenomen.

 

Ook zyn moeder noemde hy: je, en er scheen een «heer» geweest te zijn, die alles «meegenomen had» … een vroolyk bezoek! De vrouw scheen ook niet opgeruimd, want ter-sluik wischte zy haar oog af, terwyl zy 't kleine meisje by haar broertje bracht. «Dáár, zeide zy, speel wat met Nonni.» Een rare naam. En dit deed hy.

 

– Wel juffrouw, vroeg ik, verwacht u spoedig uw man?

– Ik kan 't niet bepalen, antwoordde zy.

 

Daar liet op-eens de kleine jongen, die met zyn zusje schuitjevaren gespeeld had, deze in den steek, en vroeg my:

 

– M'nheer, waarom zeg je tegen mama: juffrouw?

– Hoe dan, kereltje, zei ik, wat moet ik dan zeggen?

– Wel … zooals andere menschen! De juffrouw is beneden. Ze verkoopt schotels en priktollen.

 

Nu ben ik makelaar in koffi – Last & Co, Lauriergracht, N° 37 – we zyn met ons dertienen op 't kantoor, en als ik Stern meereken, die geen salaris ontvangt, zyn er veertien. Welnu, myn vrouw is: juffrouw, en moest ik nu tegen dàt mensch: mevrouw zeggen? Dit ging toch niet! Ieder moet in zyn stand blyven, en wat meer is, gister hadden de deurwaarders den boel weggehaald. Ik vond myn: juffrouw dus wèl, en bleef er by.

 

Ik vroeg waarom Sjaalman zich niet by my had aangemeld om zyn pak terug te halen? Ze scheen er van te weten, en