Pagina:Nansen's Poolreis.djvu/76

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd

74

voor het vaderland geschreven waren, den 7en Augustus, gingen wij aan boord en lichtte de Windward het anker om de terugreis te aanvaarden.


Op reis naar huis.

Aan boord van dit schip deden wij een zoo korte en aangename reis als misschien nog geen Poolexpeditie te voren. Wij ondervonden weer in de ruimste mate de Engelsche gastvrijheid, zoodat deze dagen voor Johansen en mij onvergeetlijk zullen blijven.

Er was veel ijs in de zee tusschen Franz Jozefsland en Nova-Zembla, en de kleine Windward had maar al te licht zoo ver in het dicht opeengepakte ijs kunnen geraken, dat het schip er in geen weken en maanden weer uit kwam. Maar de gezagvoerder, de ervaren en schrandere kapitein Brown, een oud walvischvaarder, wist alles van het ijs en de scheepvaart door het ijs. Hij wist hoe hij varen moest om ons door 220 mijlen schotsen, in de open zee benoorden Nova-Zembla te brengen. Van daar voeren wij recht op Vardö aan, waar wij den 13den Augustus aankwamen, zes dagen na ons vertrek van Kaap Flora.

Zoo was ik dan met één lid mijner expeditie in het vaderland terug. Wij werden met open armen ontvangen. Onze eerste vraag bij het betreden van den Noorschen grond was, of men ook iets vernomen had van de Fram en onze kameraden. Wij waren den geheelen winter en