Pagina:Reize door de majorij van 's Hertogenbosch.djvu/122

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen

( 110 )

Men heeft hier te Tilburg voor eenigen tijd eene Latijnſche School opgerigt, op welke ook alles, wat ik van de Helmondſche School gezegd heb, toepaslijk is; dus kunt Gij begrijpen, welk ſchoon en verheven Latijn 'er in geleerd word. – Onze Latijnſche Schooien hadden, over het algemeen, wel wat verbetering noodig, doch zulk ſlecht Latijn als 'er in de Roomſche Schooien geleerd word, dit gaat alle verbeelding te boven. Mij dunkt, behoudens beter oordeel, dat men den lust tot leeren wat meer op onze Schoolen moest trachten optewekken, en dit kon, dunkt mij, best geſchieden, als bevallige en voor de jeugd geſchikte historietjens, aardige en ſnedige gezegdens enz. uit de beste Schrijvers wierden opgezameld, en men die der jeugd in handen gaf, om overtezetten, op dezelfde wijze moest men haar ook de regels leeren, in kort: het geheele onderwijs moest meer de jeugd vermaaken, en meer naar derzelver vatbaarheid ingerigt worden. Dunkt U dit ook niet? Lieve Vriend! – Ik zal deezen brief voor het tegenwoordige niet verder uitrekken, maar wil alles ſpaaren, tot dat ik hier weder kom, want morgen of overmorgen ben ik voorneemens, om eens eenen grooten uitſtap te doen, en dan eenige nabij en verder afliggende Dorpen te bekijken, als ik dan weder hier kom, zal mijn tijd, dien ik voor mijne reize bepaald had, wel bijna ten einde weezen, ik kom dan denklijk ſchielijk weêr bij U, want hier verlang ik reeds zeer ſterk naar, intusſchen hoop ik, bij mijne terugkomst op deeze plaats, eenen brief van U

te