Pagina:Vergif.djvu/124

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen
126

zeggen; integendeel hij had zich de menschen van het lijf weten te houden. Maar nooit was hij in verzet gekomen tegen bevelen van hooger hand; nooit was er in zijn ziel iets opgekomen wat naar oproerigheid kon lijken.

In den beginne kon hij zich maar niet voorstellen wat het Abraham aanging; alles wèl beschouwd was het iets waar de jongen niet mee te maken had. Al was die docent misschien een beetje driftig tegen Gottwald opgetreden, dan was dit nog geen reden om zoo op te stuiven en de grootste onaangenaamheden te wagen ter wille van een ander. Maar het was die malle vriendschap, die overspannen begrippen van moed en trouw, waarvan de professor maar al te goed de bron kende.

Al sedert lang had hij een afdoenden kamp met zijn vrouw over hun zoon voorzien. Hij had het altijd ontweken en uitgesteld; want hij haatte strijd en oneenigheid in huis.

Maar alles scheen nu op een naderende beslissing te wijzen. Het gesprek op den avond van de partij in den salon van zijn vrouw gevoerd, was zóó bepraat en uitgelegd geworden, dat het nu al een ernstige bladzijde van de stedelijke kroniek uitmaakte,—en veel had de professor onder vrienden en vriendinnen moeten verdragen, omdat zijn huis het tooneel was ge-