Pagina:Vergif.djvu/199

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen

201

een ontaarden jongen gebruiken, die op zijn achttiende jaar nog niet aangenomen was. Zijn groot lichaam kwam hem weinig te stade; hij was nog te zwak in de beenen voor het handwerk van zijn vader en—daarbij, wat voor loon zou men een niet aangenomen jongen geven? zelfs op zee wilden de reeders hem niet plaatsen voor hij aangenomen was.

Osmund Asbjörnson Sauamyr had geen hoogen dunk van zich zelf, en haakte ook niet naar iets hoogs in de maatschappij: en men zou zoo denken dat er vele wegen open moesten staan voor zijn zeer bescheiden eischen.

Toch vond hij al die wegen geducht versperd; voor hem bestond er geen weg in het leven dan die welke langs den predikant leidde; en telkens pakte hij geduldig een nieuwen dominé beet om een tijdlang bespot en eindelijk weggezonden te worden.

Nu zag hij ten laatste een uitweg voor al zijn moeite; hij bleef lang zitten en dacht er over na, wat zijn moeder wel zou zeggen, als hij thuis kwam, en voor hij daar nog een woord van wist, begon hij al te huilen.

Er ontstond langzamerhand vroolijkheid toen men merkte dat Goliath schreide; Abraham lachte ook, want de proost glimlachte.

Hij was over 't geheel genomen erg blij op