Pagina:WitteHeinrich DriekleurigeViooltje1875.djvu/158

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd
140
EEN HOOFDSTUK ALS TOEGIFT.


zamelde van een aantal plantjes, die dicht bij elkander stonden, al waren die planten ook van in 't wild groeiende afkomstig. Dit is trouwens vrij natuurlijk, wijl in dit geval het stuifmeel uit de bloemen der ééne plant veel gemakkelijker, het zij door het bezoek van insecten, of door welke andere oorzaak ook, op de stempels van die der andere kan terechtkomen, dan wanneer ze ver van elkander verwijderd staan, zoodat er tengevolge daarvan steeds kruising of hybridisatie plaats heeft.—

Bij al het schoone uit het plantenrijk, dat ik dagelijks onder de oogen heb, ken ik niets wat meer genot oplevert, dan zoo'n verloren hoekje met die kleine driekleurige Viooltjes. De schier eindelooze kleurverscheidenheid, gevoegd bij 't verschil in de grootte der bloemen, de keurige teekening, ook van de allerkleinste, zijn oorzaak dat ik er noode kan voorbijgaan, zonder er even bij te blijven stilstaan, of er tenminste een blik op te werpen; ze terloops vriendelijk, ja vriendschappelijk te groeten.

Dat ik hier geen woord overdrijf, hiervoor moge dit tot bewijs strekken, dat ik nooit vergeet te zorgen voor zulk een hoekje gewone Viooltjes, terwijl