Gezelle/Stille

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Hostieblommen * 78 Stille van Guido Gezelle Eeuwelingen * 80
Uit Rijmsnoer om en om het jaar

Verleent me Gij uw' hulpe, o Heer,
     in ‘t werken door dit leven,
op U gesteund, ne wicht te meer,
     hoe ‘t storme, en zal ik beven.

Ze ‘n kunnen, die mij tegenstaan,
     maar schelden toch, en schermen;
‘k zie schimpend, ik, hun' ruwheid aan,
     gerust in uw ontfermen.

"Dat God bewaart is wel bewaard,"
     zoo leerdet Gij mij spreken,
o Heere; en, of Ge in slape waart,
     mijn schipke ‘n zal niet breken.

Zegt: "Stille!" en, zoo ‘t, weleer, dit woord,
     hiet wind en weder zwijgen,
zoo zal ‘t mij, hebbe ik U aan boord,
     doen ‘s Hemels haven krijgen.

2/8/1896