Vrede van Münster

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Vrede van Münster

Auteur
Genre(s) Verdrag
Brontaal Nederlands
Datering 30 januari 1648, deze Nederlandse versie is van 1 maart 1648
Bron Nationaal Archief, Den Haag, Staten-Generaal, nummer toegang 1.01.02, inventarisnummer 12588.55B
Auteursrecht Publiek domein
Logo Wikipedia
Meer over Vrede van Münster op Wikipedia

Samenvatting[bewerken]

Pagina met ondertekeningen met lakzegels

De Vrede van Münster was een verdrag dat op 15 mei 1648 in Münster gesloten werd tussen Spanje en de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, waarmee aan de Tachtigjarige Oorlog tussen Spanje en de opstandelingen in de Republiek een einde kwam en de Republiek als soevereine staat erkend werd.

Tekst[bewerken]

pages 1-40

[ 1 ] [ 2 ] [ 3 ] Inden name en ter eeren Gods, Kennelick sij aen een ijegelick, dat nae een langdurich vervolch van bloedige oorlogen, die soo veele Jaren hebben gedriet de Volckeren,Onderdanen, Coninckrijken en Landen sijnde onder de gehoorsaemheijt vande heeren Coninck van Spagnien, ende de Staten Generael vande Vereenichde Nederlanden, de voors. Heeren Coninck ende Staten bewogen met Christelijcke medogentheijt, en verlangende te maecken een eijnde vande algemeijne ellenden, en te steuijten het bedroeffde gevolch, onheijl, schade, en periculen, welcke den wijderen voortgangh vande voors. Nederlandsche oorlo- gen soude konnen nae sich trecken, selffs met uijtbrijdinge over andere Stenden en Landschappen en wijt affgelegene Landen en Zeen, ende quade effecten vande selve ten beijden zijde te veranderen in een aengename, goede, en oprechte Vrede, en soete vruchten van volcomene en vaste ruste, tot vertroostinge vande voors. Volckeren ende Landen sijnde onderhaer gehoorsaemheijt, en reparatie van geleden schade, tot algemeijne welvaert, met alleen vande Neder- landen, maer oock vande geheele Chrstenheijt, nodigende ende biddende de andere Princen en Potentaten sich voor Gods zegen te laten bewegen tot gelijcke compassie, en affweeringe van ongeval verdorff en disordres, welcke de sware plaege van oorloge foo lange tijt, en soo beswaerlick heeft doen gevoelen. Om te geraecken tot soo goeden eijnde en gewenste ooghmerck, hebben de voors. Heeren Don Philippe de vierde Coninck van Spagnien, ende Staten Generael vande Vereenichde Nederlanden, gecommitteert ende gedeputeert, te weten de voors. heere Coninck Don Gaspar van Braccamonte, en Guzman, Grave van Penaranda, Heer van Aldeaseca de la Frontera, Ridder van de Ordre van Alcantara, gedurighe Administra- teur vande Commanderie van Daijmiel, vande Ordre van Calatrava, Edelman vande Camer van Sijn Majesteijt, van sijnen Rade en Camere, Extraordinaris Ambassadeur aen Sijn Keijserlicke Majesteijt, ende eerste Plenipotentaris opde generale Vredehandelinge; Heere Antonij Brun, Ridder, Raed van sijne Catholique [ 4 ] Majesteijt in sijnen Rade van State, en Hooghen Rade over de saecken van Nederlandt en Bourgogne omtrent sijn persoon, en sijn Plenipotentaris opde tractaten vande generale Vrede. En de voors. Heere Bartolt van Gent, heere van Loenen ende Meijderswijck ect. Amptman ende Dijckgrave van Bommel, Tieler ende Bommelerweerden, Gedeputeerde ter Vergaderinge vande Heeren Staten Generael, uijt het Lidt vande Ridderschap en Edelen vande Provincie van Gelderlandt; Heere Johas van Matenesse, heere van Matenesse, Riviere, Opmeer, Souteveen etc. Gecommitteerde Raed, en Gedeputeerde ter Vergaderinge vande Heeren Staten Generael, uijt d'ordre vande Ridderschap ende Edelen van Hollandt, ende Westvrieslandt, hooch heemraet van Schielandt; Heere Adriaen Pauw, Ridder, heere van Leemstede Hogermilde etc. eerste presiderende Raed ende Reeckenmeester des Graeffelicheijts van Holland ende Westvriesland, ende van wegen deselve Provincie Gedeputeert ter Vergaderinge vande Heeren Staten Generael; Heere Johan De Knuijt, Ridder, heere van Oudt ende Nieuw Vosmar, eerste en representerende den Adel inde Staten ende den Raed van het Graeffschap van Zeeland, ende ter Admiraliteit aldaer, eerste Raed van Sijn Hoochheijt de heere Prince van Orange, ordinaris Gedeputeerde ter Vergaderinge vande heeren Staten Generael; Heere Godart van Reeden heere van Nederhorst, Vredeland, Cortehoeff, Overmeer, Horstwaert etc. President vande Heeren Edelen ende Ridderschap des Landts van Utrecht, en in der selver name comparerende ter Vergaderinge vande Heeren Staten Generael; Heere Francois van Donia, heere tot Hinnema in Hielsum etc. Gedeputeerde ter Vergaderinge vande Heeren Staten Generael van wegen de Provintie van Vrieslandt; Heere Wilhelm Ripperda, heere tot Hengeloo, Boxbergen, Boculoo, ende Russenborgh etc., Gedeputeerde ter Vergaderinge vande Heeren Staten GEnerael, uijt de Ridderschap ende Edelen vande Provintie van Overijsse, Heere Adriaen Clant tot [ 5 ] Stedum, heere van Nittersum etc, ordinaris Gedeputeerde ter Vergaderinge vande Heeren Staten Generael van wegen de Provincie van Stadt Groeningen ende Ommelanden. Alle Extraordinaris Ambassadeurs en Duytsland en Plenipotentiarissen van de gemelte heeren Staten Generael, opde algemeene vredehandelinge. Alle versien met volcomene procuratien geinsereert aen het eynde van desen, dewelcke vergadert binnen de Stadt Munster in Westphalen, met gemeyne bewilligingh beraemt tot de handelinge van algemeijne ruste en de Christenheyt, in cracht van hare voors. procuratien, voor, ende in naem vande voors. heeren Coninck ende Staten hebben gemaect, gesloten en geaccordeert de naervolgende articulen. 1. Inden eersten verclaert den voors. Heer Coninck ende erkent, dat de voors. Heeren Staten Generael vande Vereenichde Neder- Landen, en de respective Provincien vande selve, met alle haer geassocieerde Landschappen, Steden en aenhorige Landen, sijn vrije ende Souveraine Staten, Provincien en Landen, opde welcke, noch op haer geassocieerde Landschappen, Steden en Landen voors. hij heer Coninck niet en preten- deert, noch nu, ofte namaels, voor hem selven, sijne successeurs en nacomelingen immermeer ijets sal pretenderen, ende dienvolgens te vreden te sijn met deselve Heeren Staten te tracteren, gelijck hij doet by dese jegenwoordige, een eeuwige Vrede, opde condities hier naer beschreven en verclaeren. 2. Te weten, dat de voors. Vrede sal wesen goet, vast, getrouw, en onverbreeckelick, en dat dienvolgends sal sijn ophoudinge van alle acten van hostiliteit, van wat fatsoen die sijn, tusschen den voors. heer Coninck ende Staten Generael, soo ter Zee, andere wateren, als te Lande, in alle hunluijden respective Coninckrijcken, Landschappen, Landen ende Heerlicheden, ende voor al haerluijden Ondersaten en [ 6 ] Inwoonderen van wat qualiteit ofte conditie die sijn, sonder uijtsonderinge van plaetsen ofte persoonen. 3. Een ijgelick sal behouden en datelich gebruijcken de Landschappen, Steden, plaetsen, Landen ende Heerlicheden, die hij tegenwoordich hout en besith, sonder daerin getroubleert oft geleth te worden, directelick noch indirectelick, in wat manieren dat het zij, daer onder men verstaet te begrijpen de Vlecken, Dorpen, Gehuchten, en platte Landen, die daer van dependeren; Ende sullen dien volgens de geheele Meijerie van 's Hertogenbosch, als mede alle de Heerlicheden, Steden, Castelen, Vlecken, Dorpen, Gehuchten, en platte Landen, dependerende vande voors. Stadt ende Meijerie van 's Hertogenbosch, Stadt en Marquisaet van Bergen op Zoom, Stadt ende Baroninie van Breda, Stad van Maes- tricht, 't ressort vandien, als oock het Graeffschap vanden Vroonhoff, de Stadt Grave en Land vanCuijck, Hulst, Baillage van Hulst en Hulster Ambacht, als oock Axele Ambacht, gelegen besuyden ende benoorden de Geule, mitgaders de Forten die de gemelte Heeren Staten jegenwoordich inhebben int Land van Waes, ende alle andere Steden en plaetsen dewelcke de gedachte Heeren Staten houden in Brabant, Vlaenderen en elders, blijven aende voors. Heeren Staten in alle ende deselve rechten en delen van Souverainiteit en supe- rioriteit niet uijtgesondert, en even gelijck als zij sijn houdende de Provincien vande Vereenichde Nederlanden. Welverstaende dat alle de reste van't Land van Waes, uijtgenomen de voors. Forten, sal blijven aenden Coninck van Spagnien. Wat aengaet de drie Quartieren van Over Maze, te weten Valckenburch, Dalem en 's Hertogen Rade, deselve sullen blijven inden Staet in dewelcke die sich jegenwoordich vinden; Ende in cas can dispute en controversie, sal deselve gerenvoijeert worden aende Chambre mi partie, daer van hier na wort gesproocken, omme aldaer te worden gedecideert. 4. De Ondersaten en Inwoonderen van de Landtschappen vande voors. [ 7 ] Heeren Conick ende Staten, sullen alle goede correspondentie en vrientschap 't samen hebben, sonder te gedencken de offensien en schaden die zijluijden hier vooren hebben geleden, Sullen oock mogen comen ende blijven inde Landschappen de een vande andere, en daer doen haer traffique ende commercie in alle verseeckertheyt, soo ter Zee, andere wateren, als te Lande.

5.

De navigatien ende traffiquen opte Oost ende West Indien sullen worden gemainteneert, volgens ende in conformité vande Octroyen daer toe albereijts gegeven, ofte noch te geven, ende tot verseeckertheyt vandien sal strecken het jegenwoordige tractaet, ende de ratificatie ten wederzijden daerop uyt te brengen. Ende sullen onder het voornoemde Tractaet begrepen worden alle Potentaten, Natien en Volckeren, waermede de voornoemde Heeren Staten, oft die vande Oost ende West Indische Compagnie van haren 't wegen binnen de Limieten van haer Octroy in vrundschap ende alliantie staen; Ende sal een- ijeder te weten de hoochstgemelte Heeren Coninck ende Staten respective, blijven besitten en ganderen soodanige heerlicheden, Steden, Castelen, Stercten, handel ende Landen inde Oost ende West Indien, als oock Brazil, mitsgaders opde Custen van Asia Africa, en America respective, als deselve Heeren Coninck ende Staten respectivelick sijn hebbende ende besittende, daer onder specialick begrepen de plaetsen bijde Portugysen sedert den jare sestienhondert eenen veertich dez Heeren Staten affgenomen en geoccupeert off de plaetsen die zij hier namaels sonder infractie van 't jegenwoordich tractaet sullen comen te vercrijgen en te besitten; Ende sullen de Bewinthebberen soo vande Oost als West Indische Compagnie den Genumeerde Provincien als oock de ministers, hooge als lage Officiers, soldaten ende bootz- gesellen in actuellen dienst van d'een oft d'andere den voors. twee Compagnien wesende,oft geweest zijnde, als oock die uijt der selver respective diensten, soo hier te Lande als in 't district der [ 8 ] opgemelte Compagnien alsnoch continueren, ende naer desen noch geemploijeert mochten worden, vrij en onbecommert sijn in alle de Landen staende onder de gehoorsaemheijt vanden Coninck van Spanien in Europa, sullen mogen reijsen, handelen ende wandelen, als alle andere Ingesetenen vande Landen vande Voornoemde Heeren Staten. Voorts is besproocken en gestipuleert, dat de Spagnaerden sellen blijven bij hare vaerten in soodaniger wegen als zij deselve in Oost Indien alsnoch hebben, sonder hun verder te mogen extenderen; gelijck oock mede de Ingesetenen vande Vereenichde Nederlanden haer sullen onthouden vande Frequentatie vande Castiliaensche plaetsen in Oost Indien.

6.

Ende wat aenbelanct de West Indien, de Onderdanen ende Inwoonderen der Coninckrijcken, Provincien ende Landen den voors. Heeren Coninck ende Staten respectivelick sullen haer onthouden bevaren ende trafiqueren in alle de Havenen en plaetsen met Forten, logien, Castelen, en alle andere bij deene oft d'andere partije beseth en gepossideert, te weten de Onderdanen vanden voors. Heere Coninck versullen niet bevaren en trafiqueren inde Havenen ende Plaetsen, dewelcke gehouden worden bijde voornoemde Heeren Staten, noch oock de Onderdanen van de voors. Heeren Staten en die geene dewelcke gehouden worden bijden gemelten heere Coninck. Ende onder de Plaetsen die de voors. Heeren Staten sijn besittende sullen mede begrepen wesende Plaetsen die de Portugijsen sedert den jaere sestienhondert een en veertig in Brazilien vande voors. Heeren Staten hebben genomen, als mede alle andere Plaetsen, die deselve jegenwoordich besitten, soo lange als die onder de Portugijsen sullen sijn; Sonder dat het voorgaende artijchel sal mogen derogeren aender inhout van dit jegenwoordich.

7.

En terwijle nodich is een goeden langen tijt, om te adverteren den geenen die buijten de voors. Limiten met macht ende schepen sijn, om te delisteren van alle acten van Hostiliteit, vergeaccordeert [ 9 ] dat de Vrede binnen de Limieten van het Octroij hierbevoorens aende Oost Indische Compagnie der Vereenichde Nederlanden verleent, ofte noch bij contnuatie te verleenen, niet eer en sal beginnen dan een jaer naer dato van het besluijt vande jegenwoordi- ge Vrede; En wat belanct de Limiten van het Octroy hierbevoo- rens bijde Heeren Staten Generael geaccordeert, ofte noch by continuatie te accorderen aende West Indische Compagnie, dat de Vrede aldaer niet eer en sal beginnen dan een halft jaer naer dato als booven; Welverstaende dat indien van wegen 't pu- blicq ten wederzijden het advis vande meergenoemde Vrede binnen de voors. respective Limiten eer sal wesen gecomen; dat van alsdan de vijandschap daer ophouden sal, maer indien na de voors. tijt van een jaer en de halft jaer respective binnen de voors. Limiten der voors. Octroijen eenige acte van Hostiliteit daer sal sijn gedaen, die schade sal sonder uijtstel worden gerepareert.

8.

De Ondersaten en Inwoonderen vande Landen vande voornoemde Heeren Coninck ende Staten, doende traffique inde Landen de een van d'andere, en sullen niet gehouden wesen te betalen meerder rechten en Jmpolitien als de eygen Onderdanen respective. In voegen dat de Jngesetenen en Onderdanen vande Geunierde Provincien sullen sijn ende blijven geexuneirt van seecker twintich par conto, ofte oock diergelijcke mindere, meerdere, ofte eenige andere Jmpolitie die den Coninck van Spagnien gedurende den twaelft jarigen Trefves geheven heeft, ofte hier nae directelick ofte indirectelijck soude willen heffen op de voornoemde Ingesetenen ende Ondersaten van de Geunieerde Provincien, ofte tot laste vandeselve boven, ofte meerder als op sijn eijgen Ondersaten.

9.

De voornoemde Heeren Coninck ende Staten, en sullen buijten hare respective Limiten vande passerende goederen, noch te water, noch te Lande, geen jncomende, uijtgaende, ofte andere lasten vermogen te ontvangen. [ 10 ] De Onderdanen van de voornoemde Heeren Coninck ende Staten sullen reciproquelick genieten inde Landen d'een van den anderen de Oude Vrijheijt vande tollen, vande welcke zij in Vredelijcke possessie geweest sullen sijn voor het begin vanden Oorlog.

11.

De hanteringe, ommegangh, ende Commercie tusschen de respectieve Onderdanen, en sal niet mogen verhindert worden, ende jndien eenige verhinderingen mochten gebeuren, deselve sullen reelich en metter daet werden wech genomen,

12.

Ende vanden dach aft van't besluijt en ratificatie van dese Vrede sal den Coninck doen ophouden, het heffen van alle tollen opden Rijn ende Maze, die voorden oorlog geweest sijn onder het ressort ende district der Vereenichde Nederlanden, specialich mede den Zeenschen Tol, in voegen dat desen tol niet geheven sal worden en van wegen sijne voors. Majesteijt noch binnen de Stad van Antwerpen, noch elders; Welverstaende, en op conditie, dat vanden voornoemden dach aft de Staten van Zeeland reciproquelick 't haren laste sullen nemen ende betalen eerst en voor al, vanden selven dach aft de Jaerlicxe renten, die voor het jaer vijftienhondert twee en veertich opden voors. Toll sijn gebesicht geworden, en van de welcke de eijgenaers en Rentheffers in besit en ontfanch sijn geweest voor het begin vanden voors. Oorloch; Het welcke van gelijcken sullen doen de eijgenaers vande voornoemde andere tollen.

13.

Het wit geseden Sout comende uijt de Geunieerde Provincien ende Landen van sijne voors. Majesteijt sal aldaer ontfangen ende geadmmitteert worden, sonder hooger als het groff Sout belast te sijn; Jnsgelijcken het Sout comende uijt de Landen van sijne voors. Majesteijt inde Vereenichde Provincien, sal worden geadmitteert ende [ 11 ] vertiert; sonder dat het selve hoger beswaert sal mogen worden als het Sout der voors. Heeren Staten.

14.

De Riviere de Schelde, als mede de Canalen van 't 't Zas, Zwijn, en andere Zeegaten daerop responderende,sullen vande zijde vande Heeren Staten gesloten worden gehouden.

15.

De Schepen en goederen comende in, en uijt de havens van Vlaenderen respective, sullen niet alle soodanige jmpolitien en andere lasten bijden voors. Heere Coninck moeten beswaert worden ende blijven, als de goederen vande Schelde en d'andere Canalen in het bovenstaende artijckel begrepen in't op ende afgaen respective beswaert worden; Ende sal hier na geconvenieert worden tusschen partijen wedersijts over den voet vande voors. belastingen.

16.

De Hanze Steden, met alle derselver borgeren, Inwoonders en Landschappen, sullen in't stuck vande schipvaert ende commercie in Spagnien, Rijcken en Landen van Spagnien genieten alle ende de selve Rechten, vrijheden, immuniteijten, en privilegien de welcke door het tegenwoordich tractaet sijn geaccordeert, oft nae desen mochten geaccordeert worden, voor, en ten opsichte vande Onder- danen en Inwoonders vande Vereenichde Nederlanden, En reciproquelick de voors. Onderdanen en Inwoonders vande Verenigde Nederlanden sullen genieten alle en deselve Rechten, vrijheden, immuniteiten, privilegien, en capitulatien, soo over het stellen van Consuls inde Hoofd of Zee Steden van Spagnien en elders, daer het van node sal sijn, als voor de Coopluijden, Facteurs, Schippers, matrosen oft andersints, ende wen gelijck als de voors. Hanze Steden in't generael oft in't particulier hier bevorens hebben vercregen en gepractiseert, oft hier namaels sullen vercrijgen en practiseren, voorde seeckerheijt, vordelen en [ 12 ] avanteijge vande schipvaert en commersie van haer Steden, Coop- luijden, factoors, Commisen, en andere die daer van dependeren.

17.

Sullen oock de Ondersaten en Inwoonders vande Landen vande voors. heeren Staten hebben deselve verseeckertheijt ende vrijheijt inde Landen vanden voors. Heer Coninck,die geaccordeert is aende Onder- saten vanden Coninck van Groot Bretagne bij het leste Tractaet van Vrede, ende de secrete articulen gemaect met den Connestabel van Castilien.

18.

De gemelte heer Coninck sal metten eersten nodige voorsorge geven datter eerlijcke plaetsen geordonneert worden tot de begraeffe- nis vande Lichamen der geenen die van der voors. heeren Staten zijde sullen comen t' overlijden onder de gehoorsaemheijt vanden voors. heer Coninck.

19.

De Onderdanen en Ingesetenen van de Landen vande gedachte heer Coninck, comende inde Landen vande voornoemde Heeren Staten, sullen haer ten opsichte vande publique oeffeninge van Religie, moeten gedragen in alle zedichheijt, sonder eenich schandael te geven met woorden oft met wercken, en sonder eenige lasteringe te spreecken; en het selve sal worden geobserveert bijde Onderdanen en Inwoonders vande Landen der voors. Heeren Staten comende inde Landen van sijne Majesteit.

20

Van gelijcken en sullen de Coopluijden , schippers, Piloten, scheeps- volck, hare schepen, Coopmanschappen, waren en andere goederen haer toebehoorende niet mogen aengeslagen nochte gearresteert worden 't sij in crachte van eenig bevel generael off particulier, ende om wat saecke datter zij, van oorloge off andersints, selffs niet onder pretext van sich daer te willen laten dienen tot [ 13 ] conservatie en bescherminge des Landts: Daer onder men nochtans niet en verstaet te begrijpen de aenslagingen ende arresten vande Justitie, door de ordinaris wegen ter oorsaecke van enijgen schulden, obligatien, en bondige contracten vanden geenen tegens den welcken de voors. aenslagingen sullen sijn gedaen, daerinne geprocedeert sal worden, gelijck gebruijckelick is, na recht en reden.

21.

Daer sullen ten wederzijden eenige rechters in gelijck getal worden gecommitteert bij forme van Chambre mi partie, die hunne residentie sullen houden inde Nederlanden, en op alsulcke plaetsen als gehoren sal, ende sulcx bij beurten,dan onder het gebied van d'eene dan van d'andere, na dat sulcx bij onderlinge bewilliginge sal goet gevonden worden, welcke wederzijts gestelde Rechters, volgens de Commissie en Instructie hun te geven, en op dewelcke sij sullen Eedt doen, volgens seecker formunier daer toe ten wederzijden te arrestereren, sullen opsicht nemen over de handelinge der Ingesetenen der voors. Nederlanden, en de lasten en jmpolitien die ter eenre en ter andere zijde geheven sullen worden opde Coopman- schappen; Ende indien de voornoemde Rechters comen te bevinden dat daerin te eenre, ofte ter andere, ofte wel ten beijden zijden ecxes werde begaen, sullen 't selve ecxes reguleren en modereren. Voorts sullen de voors. Rechters examineren de questien over de non exe- cutie van het Tractaet als oock de contraventien vandien, die in tijden ende wijlen souden mogen comen te rijsen, soo inde Landen van Herwaerts over, als oock inde verre affgelegen Coninckrijcken, Landen, Provincien en Eijlanden in Europa, en daerop samnarie en de plans disponeren ende uijtspreecken 't geene zij in conformiteit van het Tractaet bevinden sullen te behooren; Ende sullen de Sentencien en dispositie vande voors. Rechters ter executie worden gestelt, door de ordinaris Justitie ter plaetse alwaer de con- traventie is geschiet, ofte wel jegens de persoonen vande contra- venteurs, nae dat sulcx naer gelegenthuijt sal worden gerequireert; [ 14 ] Ende en sal de voornoemde ordinaris Justitie in geen gebreecke mogen blijven de vornoemde executie te doen, off te laten geschieden, en de contraventie te repareren binnen den tijt van ses maenden, naer dat de voors. ordinaris Justitie daer toe sal wesen versocht.

22.

Indien eenige Sentencien en Vonnissen gegeven waren tusschen personen van verscheijden partijen niet gedefendeert wesende, 't zij in materie civil ofte crimminel, die en sullen niet mogen geexecutreert worden,jegens de persoonen der gecondemneerden nochte hare goederen; Ende en sullen geene brieven van marque off repressalien geaccordeert worden, ten zij met kennisse van saecken, ende in saecken in de welcke sulcx is toegelaeten bij de Keijserlijcke wetten en constitutien en nae de ordre gestelt bij deselve.

23.

Men en sal niet mogen aencomen, incomen, ofte blijven inde havenen, baijen, plaijen, ofte Reeden van de Landen d'eene van d'andere met schepen ende volck van oorlogen in getal welck soude mogen suspicie geven, sonder verloff en toelatingen vanden geenen onder dewelcke de voors. havenen, baijen, plaijen, ende Reeden sijn, ten ware men gedreven worde door tempeest, ofte gedwongen't selve te doen door noot, en om te schouwen eenige periculen vande Zee.

24.

De geene op dewelcke de goederen sijn aengeslaegen en geconfisqueert ter oorsaecke vanden oorloge, ofte hare Erffgenamen, ende die haer recht hebben, sullen gebruijcken, deselve goederen, ende sullen de possessie vandien aennemen bij haer eijgen authoriteit, ende in cracht van dit tractaet, sonder dat van node zij te hebben recours aende Justitie, niettegenstaende alle incorporatien voerden Fisque, verpandinge, gedane giften, tractaten, accorden, ende transactien, ende wat renunciatien inde voors. transactien souden mogen gestelt sijn, om uijt te sluijten van een gedeelte vande goederen, den geenen die [ 15 ] deselve behooren toe te comen; Ende alle goederen ende rechten die wegens het tegenwoordich tractaet reciproquelich den ouden proprie- tarissen, haren erven, ofte actie vanden selven hebben, sijn gerestitueert ofte noch gerestitueert moeten worden, sullen bijden selven proprie- tarissen mogen worden vercost, sonder dat van node sal wesen, daer toe particulier confort te verwerven; Ende sal dienvolgende vanden eijgendom van renten, die van wegen den Fisque in plaetse vande vercoste goederen sullen wesen geconstitueert, mitsgaders de renten ofte actien staende tot laste vande Fisquen respective, bijde proprieta- rissen vandien oock mogen worden gedisponeert bij vercopinge oft andersints, als van haer andere eijgen goederen.

25.

Dit welcke oock plaetse hebben sal ten proffijte vande Erffge- namen van wijlen den heere Prince Wilhelm van Orange, selffs voorde rechten die zij hebben inde Salines van het Graeff- schap van Bourgogne, die hunluijden sullen wedergegeven en gelaten worden, met de Bossen die daer van dependeren, ten opsichte van 't geene niet en sal bevonden worden dat soude sijn gecocht ende betaelt van wegen sijne voors. Majesteijt.

26.

Daer onder men mede verstaet begrepen te sijn de verdere goederen en rechten gelegen inde Graeffschappen van Bourgogne en Charolois, en 't geene volgende het tractaet vanden negenden Aprilis sestienhondert negen, enden sevenden Januarij 16c en tien respectivelick noch niet en is gerestitueert, sal aende proprieta- rissen, hare Erven, ofte actie vande selve hebbende, van beijden zijden alomme metten eersten ter goeder trouwen worden gerestitueert.

27.

Gelijck mede verstaen worden daer onder begrepen te sijn de [ 16 ] goederen en rechten die nae uijtganck vanden twaelffjarigen trefves bij Sententie vanden Hoogen Raed van Mechelen tot nadeel vanden Fisque sijn toegewesen aen wijlen Graeff Jan van Nassau, ofte in wat manieren de voors. Graeff de possessie van dien heeft vercregen, in wat plaetsen, Landen off heerlichheden deselve toegewesen goederen en rechten mogen gelegen, en door wien deselve mogen gepossedeert sijn, welche sententie bij macht van dit tractaet is, ende voort gehouden als niet gegeven, ende alle andere vercregene possessie, als voors. is, te niet gedaen.

28.

Ende wat aengaet het proces van Chastel belin, geintenteert bij het leven van wijlen den voors. heere Prince van Orange, voorden Hoogen Rade van Mechelen tegens den Procureur Generael vanden Coninck van Spagnien, dewijle het selve proces niet en is getermineert geweest binnen den tijt van een Jaer, nae het vervolch daerop gedaen, gelijck als in't veertiende artijkel vanden twaelff jarigen Trefves was belooft te doen. Is verdragen dat aenstonts nae 't sluijten ende ratificatie van het tegenwoordich tractaet, den Fiscus uijt den naem van Sijn Malesteijt, ofte uijt wiens naem sulcx eenichsints soude mogen wesen, datelick affstant sal doen van alle de goederen inden voors. processe geÿscht, ende bij wien, oft uijt wat recht deselven souden mogen beseten worden, oock renonceren in naem en van wegen als vooren van alle actien en pretentien die de voors. Fiscus op de voors. goederen eenichsints soude mogen hebben, ofte comen pretenderen, om door den tegenwoordigen heer Prince van Orange, sijne Erven en nacomelingen, off sijns recht hebbende, datelick nae 't sluijten en ratificatie van dit tractaet, en uijt cracht van 't selve, en souder recours aende Justitie, te worden aengeveert en genomen in vrije en onbecom- merde possessie: mits dat die opgebeurde en genoten vruchten met de lasten vandien tot den dach van het besluijt van dit tractaet sullen blijven tot proffijt vanden Fiscus. [ 17 ] 29.

Indien in eenige plaetse difficulteit wierde gevonden opde restitu- tie vande goederen en gerechticheden die gerestitueert moeten worden, sal den rechter vande plaetse sonder uytstel de restitutie doen effect hebben, en daerinne den cortsten wech nemen, sonder dat onder pretext van onbetaelde capitatien off andersints de restitutie uijtgestelt sal mogen worden.

30.

De Onderdanen en Ingesetenen der Vereenichde Nederlanden, sullen overal inde Landen onder de gehoorsaemheijt vanden gemelten heer Coninck sijnde sich mogen doen dienen van alsulche Advocaten, Procureurs, Notarisen, Solliciteurs en executeurs die het haer sal goet duncken, waer toe oock deselve sullen worden gecommitteert bijde ordinaris rechters wanneer het nodich wesen sal, ende deselve Rechters des zullen versocht sijn; En reciproquelick de Ingesetenen en Onderdanen van de gedachte heer Coninck comende inde Landen van de gemelte Heeren Staten, sullen gelijcke assistentie genieten.

31.

Indien de Fiscus heeft doen vercopen van d'eene ofte d'andere zijde eenige geconfisqueerde goederen de geene aen wien deselve uijt crachte van dit tractaet moeten toebehooren, sullen gehouden wesen haer te contenteren, metten Interest vanden Prijs jegens den penninc sestien, omme daer van t'elcken jare betaelt te worden, opde neerstic- heijt vande geene die de voors. goederen besitten, andersints sal hunluijden geoorloft sijn hun te addresseren aende vercoste gronden en Erven; Met dien verstande, dat in plaetse vande vercoste goederen, affgeloste renten, ofte het Capitael vandeselve, door en uijtten naem vande respective Fisquen, opene brieven sullen verleden worden ten proffijte vande eijgenaers, hare Erven off des actie hebbende, die hun sullen dienen tot bewijs declaratoir, in conformiteit van het tractaet, niet assignatie vande Jaerlicxe betalinge op een Rentmeester inde Provincie daer die vercost ofte affgelost sijn, [ 18 ] welcke Rentmeester daerinne sal worden genoemt, en sal den prijs gereeckent worden na de eerste vercopinge, publiquelick ofte andersints gedaen sijnde na behooren, van welcke rente het eerste Jaer veschijnen sal een Jaer nae date van het besluijt en ratificatie van dit tegenwoordich tractaet.

32.

Maer indien de voors. vercopingen gedaen waren geweest bij Justitie voor deuchdelijcke onwettelijcke schulden vande geene aen wien de voornoemde goederen plachten te gehooren voorde confiscatie, geoorloft sijn, die na haer te nemen, betalende den prijs binnen een Jaer, te reeckenen vanden dach vanhet tegenwoordich tractaet, nae welcken tijt zijluijden daer toe niet meer en sullen ontfangen worden, ende de voors. aenneminge ende hercopinge bij haer gedaen sijnde, sullen sijluijden daer van mogen disponeren, gelijck haer goet- duncken sal, sonder dat van noode sal wesen eenige andere toelatinge daer van te verwerven.

33.

Men verstaet nochtans niet de voors. na haer neminge plaetse te geven voorde vercoste huijsen gelegen inde Steden te dier oorsake vercost zijnde, om de groote in commoditeit en notable schade die de vercrijgers ontvangen souden ter cause vande veranderingen en reparatien die zijluijden inde voors. huijsen souden mogen gedaen hebben, daer van de liquidatie te zeer lanch ende beswaerlick soude wesen.

34.

Ende soo veel aengaet de reparatien ende verbeteringen gedaen aen andere vercoste goederen, daer vande vercopinge is toegelaten, indien die worden gepretendeert, de ordinaris Rechters sullen recht doen met kennnisse van saecken, blijvende de gronden en Erven gehijpotequeert voor de somme daer toe de verbeteringen sullen worden geliquideert [ 19 ] sonder dat nochtans geoorloft sal wesen aende voors. copers te gebruijc- ken recht van retentie, om daervan betaelt en voldaen te wesen.

35.

Alle verswegen goederen en rechten, roerende, onroerende, renten, actien, schulden, crediten, en andere die bijde Fiscus niet aengeslagen sullen sijn geweest met behoorlijcke kenisse van saecken voor den dach van het besluijt en ratificatie van dit tractaet, sullen blijven tot vrije ende volle dispositie vande eijgenaers, here Erven oft des rechthebbende, met alle de vruchten, renten, incompsten en vordelen, mede en sullen de geene die de voors. goederen en rechten sullen verswegen hebben, nochte here Erven daerover mogen worden gemolesteert vande Fisquen respective maer sullen de eijgenaers hare Erven, oft des recht hebbende ten opsichte vanden actie hebben tegen een ijegelick, als voor haer eigen goet.

36.

De Bomen affgehouwen na den dach van 't besluijt van dit tractaet, en die ten selven dach noch opden grond sullen gelegen hebben, alsmede de vercoste boomen die ten voors. dage naer't besluijt noch niet gehouwen mochten sijn, sullen blijven aende eijgenaers, niettegenstaende de gedaene vercopinge, en sonder dat zij gehouden sullen wesen eenigen prijs te betalen.

37.

De vruchten, huijren, pachten en incomen van Heerlicheden, Landen, thienden, visscherijen, huijsen, renten en andere opcomsten van goederen, die volgens het tractaet moeten gerestitueert worden, vescheenen nae den dach van't besluijt van't Tractaet, sullen voor het geheele Jaer den proprietarissen, hare Erven, oft actie vanden selven hebbende volgen.

38.

De huijren die gemaeckt sijn van geconfisqueerde oft aengeteijckende goederen (:niettegenstaende die voor veele Jaren sijn gemaect:) sullen [ 20 ] expereren met het jaer van't besluijt van't tractaet nae't gebruijck vande plaetsen respective, daer de voors. goederen sullen mogen sijn gelegen, ende sullen de huijren vescheenen naerden dach van't besluijt van't tractaet, gelijck geseijt is, betaelt worden aende eijgenaers; Welverstaende indien den bruijcker der geseijde goederen voor't gewas van dien Jaren eenige oncosten heeft aengewent, dat deselve oncosten bijde eijgenaers aenden bruijcker sullen worden betaelt, naer costume ofte discretie vanden Gerechte vande plaetse daer deselve goederen sullen sijn gelegen.

39.

De vercopinge van geconfisqueerde oft aengeteijckende goederen gedaen sedert het besluijt van't Tractaet,sal gehouden worden nul, ende als niet gedaen, gelijck mede de vercopinge gedaen voor het selve besluijt tegens de verdragen oft accorden met eenige Steden int particulier gemaect.

40.

De huijsen van particulieren die gerestitueert sijn, ofte gerestitueert moeten worden volgens het tractaet, en sullen reciproquelick met garnisoen oft andersints niet anders ofte hoger belast worden, dan de huijsen van andere inwoonders van gelijcke gelegentheyt.

41.

Niemant en sal ter eenre ofte ter andere zijde, directelick oft indirectelick in't veranderen van sijne woonplaetse beleth worden, mits betalende de rechten daer toe staende, ende indien eenige beletselen sedert het tractaet geschiet waren sullen datelick worden affgedaen.

42.

Indien eenige Fortificatien ofte publique wercken ter eenre oft ter andere zijde, met toelatinge ende authoriteit vande Overheijt gemaect waren, in plaetsen waer van door het tegenwoordich tractaet restitutie sal moeten geschieden, de eijgenaers vandien sullen gehouden wesen haer te contenteren met de estimatie die daer van [ 21 ] gedaen sal wesen door de ordinaris Rechters, soo vande voors. plaetsen als vande Jurisdictie die sij daer hadden, ten ware partijen daerover onderlingh accordeerden; Gelijck mede satisfactie sal gedaen worden aende eijgenaers vande goederen die tot fortificatien, publique wercken ofte Godshuijsen sijn geappliceert.

43.

Aengaende de goederen van Kercken, Collegien ofte andere pieuse plaetsen, gelegen inde Vereenichde Provincien, dewelcke leden waren dependerende van Kercken, beneficien en Collegien sijnde onder de gehoorsaemheijt vande voors. heer Coninck het geene voor't besluijt van't tegenwoordige tractaet niet en is vercost geweest, sal hunluyden weder gegeven en gerestitueert worden, en sullen in't besit vandien comen oock bij haer eijgen authoriteijt, en sonder hulpe van Justitie, deselve te gebruijcken, maer voorde geene die vercost sullen wesen voorden voors. tijt, oft bijde Staten van eenige vande Provincien in betalinge sullen gegeven wesen, de rente vanden prijs sal haer jairlicx betaelt worden tegen den penninck sestien bijde Provincie die de voors. vercopinge sal hebben gedaen, oft develve goederen en betalinge gegeven, ende oock en dier wegen geassigneert dat zij daer van mogen wesen verseeckert; Van gelijcken sal gedaen en geobserveert worden vande zijde vande gemelte hier Coninck.

44.

Aengaende de pretensien en jnteressen dewelcke den heere Prince van Orange soude mogen hebben ten opsichte van eenige partijen die hij niet en is besettende, daerover sal bij particuliere handelinge verdragen worden tot satisfactie vande gedachte heere Prince van Oragne; Maer wat aenraet de goederen en andere effecten waer van den voors. heere Prince is in possessie bij Octroij ende concessie der voors. haeren Staten Generael ende Bailliage van Hulseere Ambacht en elders, dair van hem de voors. heeren Staten 't sedert corten tijt herwaerts de confirmatie hebben verleent, alle de selve partijen sellen volcomentlick in vollen eijgendom blijven aenden [ 22 ] voors. heere Prince, sijne erven en successeuren, oft des recht hebbende, sonder dat ijets sal connen gepretendeert worden opde voors. goederen uijt crachte van eenige articulen van het jegenwoordige tractaet.

45.

Aengaende seeckere andere poincten, die boven den inhoudt van het voorgaende artijckel affsonderlick sijn getracteert en overcomen en geteijkent in twee vescheijden schrifrten, het een vanden achtsten Januarij het andere vanden seven en twintichsten December sestien- hondert seven en veertich, voor, ende in naem vanden voors. heere Price van Orange, de voors. schriften en alle den inhoud vande selve, sullen eddict genieten en worden geconfirmeert, voltrocken ende geexecuteert nae hare forme en teneur, min noch meer, als off alle de voors. poincten in't generael, off een ijeder vandien in't bijsonder van woort tot woort waren geinsereert in dit tegen- woordige tractaet; Niettegenstaende eenigerhande clausulen van dit tegenwoordige tractaet, desen ter contrarie, welcke clausulen men verstaet te derogeren, en worden expresselick gederogeert door dit jegenwoordige artijckel, en welcke clausulen ten opsichte vande voors. twee schriften sijn, ende sullen gehouden worden als niet gedaen, en sonder dat ter oorsaecke vande selve het effect, voltreckinge ende executie vande voors. twee schriften vanden achtsten Januarij en vanden seven en twintichsten December sestienhondert seven en veertich sal mogen beleth, oft in eeniger- hande maniere opgehouden worden.

46.

De geene aen de welcke de geconfisqueerde goederen moeten gerestitueert worden, en sullen niet gehouden wesen te betalen de achterstallen van renten, lasten ende debvoiren specialick geaffecteert ende geassigneert op deselve goederen, voorden tijt dat zijluijden die niet en hebben gebruijct; Ende soo sijluijden daervover vervolcht ende gemoeit worden van d'eene oft d'andere zijde sullen werden gerenvoijeert als geabsolveert; Ende daer [ 23 ] kennelick bevonden wort, dat alle goederen van ijemant van d'eene ofte de andere zijde geconfisqueert ofte aengeteijckent sijn geweest, soo dat denselven geene middelen heeft behouden, daer uijt hij de renten ofte interesten van sijn schulden vervallen gedurende de confiscatie ofte annotatie heeft connen betalen, deselve en sal oock vande reële lasten ende renten volgende het tractaet, maer oock vande generale ende personele belastingen vande Renten ende Interesten inden voors. tijt verscheenen gevrijt wesen.

47.

Men en sal oock mogen pretenderen voorde goederen die vercost ofte geaccordeert sijn, omme gedijct ofte herdijct te worden, anders als de opstallen daer vooren de possesseurs sich hebben verbonden bijde tractaten daer toe gemaeckt, met den jnterest vande gesurveerde penningen indien eenige gegeven sijn, oock naer advenant vanden penninck sestien als boven.

48.

De vonnissen gegeven omme de goederen en rechten geconfisqueert met partijen die gekent hebben den Rechter, ende wettelick sijn gedefendeert geweest, sullen houden, ende en sullen de gecondem- neerde niet ontfangen worden, om die tegen te spreken, tenwaere deur ordinaris wegen.

49.

De voors. Heer Coninck quitteert en renonceert aen alle pretensien van redemptie en alle andere rechten en pretentien, die hij soude mogen hebben ofte pretenderen en eeniger manieren opde Stad vande Grave, Land van Cuijck, sijn aenbehooren en dependentien, ende Baronnie van Brabant, hier bevoorens in pandschap gehouden van wijlen den heere Prince van Orange,van welcke pandschap de redemptie is gequitteert en geconverteert in eijgendom, en over- gelevert ten proffijte van wijlen de heere Prince Maurits in December sestienhondert en elff bijde heeren Staten Generael der Vereenichde Nederlanden, als souverainen der voors. Stad [ 24 ] Grave en Land vanCuijck, volgens en in conformiteit vande opene brieven daerop verleden; En in crachte van welcke con- versie en affstant de voornoemde heere Prince tegenwoordich, sijne Erven en successeuren oft des recht hebbende, sullen voor altijt gebruijcken de vollen en geheelen eijgendom vande voors. Stad ende Land van Cuijck met alle sijn aenhooren en dependentien.

50.

Quitteert mede en renonceert gedachte heere Coninck aen alle en ijegelijcke rechten en pretensies 't sij van eijgendom, cessie oft anders, die hij in eeniger maniere soude mogen pretenderen op de Stad, Graeffschap en heerlichheijt van Lingen, ende vier Kerspelen en andere gerechticheden daer toe behoorende, alsmede opde Steden en Heerlicheden van Bevergarde en Cloppenburch, en andere pretensien op en jegens wie het soude mogen sijn, om roelich en metter daer voor altijt te blijven aender voornoemde Heere Prince van Orange, sijn erven en successeuren, oft des recht hebbende, in vollen recht van eijgendom, volgens de brieven van gifte en verlij van Keiser Carel de vijfde in dato derden November vijftien hondert ses en veertich, en daer nae gemaecte verdrach tusschen den Graeff van Buren en den Graeff van Tecklenborg in dato vijffden Marty vijftienhondert acht en veertich en lestelick volgens de cessie daer van gedaen in November vijftienhondert acht en seventich. Welche de voornoemde heer Coninck, voor soo veel hem mochte raken heeft geconfirmeert en confirmeert bij het tegenwoordich tractaet.

51.

De voernoemde Heeren Coninck ende Staten sullen committeren elck inden sijnen de Officieren en Magistraten tot de administratie vande Justitie ende policie inde Steden ende sterche plaetsen, de welche door het tegenwoordigh tractaet behooren gerestitueert te worden aende eijgenaers omme die te gebruijcken.

52.

Het Over Quartier van Gelderlandt sal worden gewisselt jegens [ 25 ] een equivalent; Ende ingevalle men sich onderlingh niet soude connen vergelijcken over het voors. equivalent, sal 't selve gestelt worden aende Chambre mi partije, om binnen ses maenden nae het besluijt en ratificatie van het tractaet te worden geecideert.

53.

De voors. Heer Coninck verbind sich effectivelick te wercken de continuatie ende observatie vande Neutraliteit, vrundschap ende goede nabuijrschap van wegen syn Keijserlijcke Majesteijt ende het Rijck mette voors. Heeren Staten. Tot welcke continuatie ende observatie de voornoemde Heeren Staten sich insgelijcken reciproquelick verbinden; ende sal daerop volgen de confirmatie van Sijne Keijserlicke Majesteijt binnen den tijt van twee maenden, ende van wegen het Rijck binnen een jaer nae het besluijt ende ratificatie van 't jegenwoordich Tractaet.

54.

De meublen die geconfisqueert, ende vruchten die vervallen sijn voor het besluijt van het tegenwoordich tractaet, en sullen geene restitutie subiect wesen.

55.

De actien mobilliair, dewelcke bij de voornoemde Heeren Coninck ofte Staten geremitteert sullen sijn, tot proffijt van particuliere schulde- naers voor het besluijt van het tegenwoordige Tractaet sullen uijtgedaen blijven van d'eene en d'andere zijde.

56.

Den tijt die gelopen heeft gedurende den oorloch te beginnen sedert den jare vijftienhondert seven en sestich tot den aenvanck vanden twaalfjarigen Trefves, als mede den tijt die gelopen heeft sedert de expiratie vande geleijde trefves tot het besluijt van dit tractaet, en sal niet werden gereeckent oom ijemand daermede te vercorten, ofte andersints te prejudicieren.

57.

De geene die gedurende den Oorloge vertrocken sijn in neutrale [ 26 ] Landen, sullen genieten de vruchten van dit tractaet, en sullen mogen woonen daer 't hun goet duncken sal, selfs wederkeeren in hare ende woonplaetsen , omme aldaer te woonen in alle verseeckertheijt, onderhoudende de wetten vanden Lande, sonder dat ter oorsaecke van hare wooninge (:die zij sullen houden in wat plaetse datter zij:) hare goederen sullen mogen worden aengeslagen, oft zijluijden gepriveert van 't gebruijck der selver.

58.

Men sal geen nieuwe Forten vermogen temaecken inde Nederlanden, noch aen d'eene noch aen d'andere zijde, oock geene nieuwe vaerten ofte graften graven, daer door men d'eene oft d'andere partije soude connen steuijten ofte weeren.

59.

De heeren vanden huijse van Nassau, gelijck mede Graeff Jan Albert van Solms Gouverneur van Maestricht, en sullen niet mogen worden vervolcht noch gemolesteert en hare persoonen ofte goederen, over eenige schulden gecontracteert bij wijlen den heere Prince Wilhelm van Orange 't sedert den jare vijftien hondert seven en sestich tot sijn overlijden toe, noch over de vervallen lasten gedurende het saisissement ende annotatie der goederen die daer mede waren belast.

60.

Indien eenige contraventie van dit tractaet gedaen ware door eenige particuliere, sonder bevel vande voors. Heeren Coninck ofte Staten, de schade sal worden gerepareert, selver ter plaetse daer de contra- ventie sal wesen gedaen, indien sij aldaer worden achterhaelt, ofte wel tot hare woonplaetsen, sonder dat zijluijden elders souden mogen vervolcht worden en hare Lichamen ofte goederen, in wat manieren dat het zij; Ende sal haer niet geoorloft sijn te comen tot de wapenen, oft breecken van Vrede ter oorsaecke vandien; Maer wel sal toegelaten wesen (:ingevalle van openbare weijgeringe van Justitie:) hem te voorsien, gelijck gebruijckelick is, bij brieven van marque oft repressalien. [ 27 ] 61.

Alle onterffenissen ende dispositie gedaen in haet vanden Oorloge sijn verclaert nul, ende gehouden als niet gedaen; Ende onder onterffenissen gedaen in haet vanden Oorloge werden verstaen begre- pen te sijn, de geene die geschiet sijn om eenige oorsaecken, waer uijt den oorloge is ontstaen, ende die daer van dependeren.

62.

De Ondersaten en Inwoonderen der Landen van gedaechte Heeren Coninc ofte Staten van wat qualiteit ofte conditie die sijn, sijn verclaert capabel om te succederen de eene de andere, soo door testament als sonder testament, nae de costumen vande plaetsen, ende indien eenige successien hier bevoorens vervallen waren aen eenige vande selve, sij sullen daerinne werden gehanthaeft ende geconserveert.

63.

Alle gevangens van oorloge sullen onstslagen worden vande eene ende andere zijde, sonder te betalen eenich rancoen, sonder distinctie ofte reserve vande gevangenis die buijten de Nederlanden gesient hebben, en ander andere Standaerden en vendels, als die vande Heeren Staten.

64.

De betalinge vande achterstallen der contributie, die ten tijde vande conclusie van het tractaet resteren sullen te betalen, ten opsichte vande persoonen ende goederen van d'eene ende d'andere zijde, en d'andere zijde de superintendentie hebben over de contributien.

65.

Ende ensal niet strecken noch eenichsints mogen uijtgelecht worden, tot voordeel oft nadeel van ijemand, directelick off indirectelick alle 't geene gedurende de handelinge van d'eene oft d'andere zijde mondelich off schriftelick sal wesen voorgedragen oft geallegueert; Maer sullen soo wel de gemelte Heeren Coninck en Staten Generael en particulier, als mede alle andere Princen, Graven, Baroenen, Edelluijden, borgeren, en andere Jnwoonderen vande Coninckrijken [ 28 ] ende Landen respectieve, van wat qualiteit off conditie die sijn, blijven in hare rechten volgens den inhout van het Tractaet, en het besluijt van 't selve. 66. De Inwoonderen ende Onderdanen vande voors. Heeren Coninck en Staten respectieve, sullen reelick genieten het effect van't vijfftiende artikel vande geexprimeerde twaelffjarigen Trefves, en het effect van het tiende artijckel van 't verdrach daerop gevolcht den seven- den Januarij sestien hondert en tien, en dat voor soo veel als geduren- de den termijn vanden voornoemde Trefves, het voors. effect niet en is te weegh gebracht van d'een oft d'andere zijde.

67.

De Limiten in Vlaenderen en elders sullen gereguleert worden in soodaniger voegen als men bevinden sal dat zij gehooren onder het ressort van d'een oft d'andere zijde; Waerop men sal verwachten, en sullen gelevert worden de Informatien, om 't sijner tijt de gemelte Limiten te reguleren.

68

Van wegen en aende zijde vanden voors. heer Coninck van Spagnien sullen worden gedemolieert de Forten bij en omtrent Sluijs, te weten St. Job, St. Donaes, Sterreschans, het Fort St. Terese, St. Frederick fort, het Fort Ste. Isabelle, St. Paul, de Redoute Pape- muts. En aende zijde en van wegen de gemelte heeren Staten sullen gedemolieert worden de naervolgense Forten, namelick de beijde Forten in't Land van Casant, genaemt Orange en Frederick, de twee op't Pas, en alle die gelegen sijn opde Oostzijde vande Riviere de Schelde, uijtgesondert Lillo, en het fort op Kieldrecht genaempt Spinola van welcke ten werdersijden te doene demolitie tusschen partijen sal worden overcomen omme het aquivalent te reguleren.

69.

Alle Registers, Charters, Brieven , Archieven en papieren als oock sacken van processen concernerende respectivelick eenige vande [ 29 ] Geunieerde Provincien, geassocieerde Landschappen Steden off Leden vandien, oft oock eenige particuliere Ingesetenen derselver, berustende inde Hoven, Cancelarijen, Raden en Camers van Policie, Justitie, Financien, Leenen ofte Archiven, het sij tot Avennes, Mechelen, ofte andere plaetsen onder de gehoorsaemheijt vanden voornoemde heere Coninck, sullen ter goeder trouwen gelevert worden aen die geene die vande zijde der voors. Provincien respective commissie sullen hebben, om deselve te eijssen. Ende sal van gelijcken gedaen worden vande zijde der voors. Heeren Staten ten behoeve van de Provincien, Steden en particulieren onder de gehoor- saemheijt vande voors. heere Coninck gehoorende.

70.

Het Water-recht sal gelaten worden aende Stadt Sluijs, soo als het aende selve toegehoort.

71.

Den Dam geslagen bij St. Donaes tot stoppingen vande Riviere de Soute sal wech genomen en geopent worden, mits aldaer leggende en maeckende een Zas, over de bewaeringe van welck Zas sal worden vergeleecken, gelijck hier vooren is geseijt tenopsichte van het demolieren der Forten.

72.

In het tegenwoordich tractaet van Vrede sullen begrepen worden de geene, die voor de wisselingh vande agreatie oft ratificatie, oft maenden daer nae sullen worden genoemt vande een en de andere zijde; binnen welcken termijn de voors. heer Coninck sal noemen de geene die deselve sal goet vinden. Van wegen de voors. Heeren Staten worden genoemt den Prince Landgraeff van Hessen Cassel, mitsgaders sijne Stenden, Steden en Landen; De Graeff van Oostvrieslandt, de Stadt Emden, de Graeffschap ende Landschap van Oostvrieslandt; De Hanze Steden, en particulierlick, Lubeck, Bremen, Hamborgh; En refereeren de voors. Heeren Staten te noemen binnen den voors. termijn alsulcke andere, als sij sullen goet vinden. [ 30 ] 73. Aengaende de pretensie vande Graeff van Flodroft, om de restitutie aen hem te doen van het huijs Leut, met de goederen die daervan mogen dependeren, en alle andere goederen en dorpen, die hem daer omtrent mogen toecomen en gesaiseert sijn van wegen den voors. heere Coninck; de voors. restitutie is hem toegestaen, gelijck mede van het Huijs; Voorbehouden dat tussen het besluijt van dit tegenwoordige tractaet, en de ratificatie vandien, over het onderhout van garnisoen van wegen den voors. heere Coninck, ofte over de Demolitie van nieuwe fortificatien gemaect sedert de besettinge van't Huijs sal worden gedispo- neert.

74.

Aengaende het geene den achtsten December sestienhondert ses en veertich is getracteert en overcomen tusschen de extraordinarissen, Ambassadeurs en Plenipotentarissen vande voornoemde heeren Coninck ende Staten, raeckende Rutger Luijghens, voor, ende in naem van sijn huijsvrouwe juffrouw Anna Margrieta van Stralen, hetselve sal hebben soodanige cracht en effect, ende sal volbracht ende geexecu- teert worden in allen schijn oft hetselve van woort tot woort ware geinsereert in het tegenwoordich tractaet.

75.

Ende ten eijnde het tegenwoordich tractaet te beter moge worden onderhouden, beloven respectievelick de voors. Heeren Coninck ende Staten, de goede hant te houden, ende hare macht ende middelen te gebruijcken een ijegelijck in het zijne, om de passagien vrij te maken, ende de Zeen en Rivieren Navigabel en seecker jegens de jncursien van muijtmaeckers, Zeerovers, lopers en stropers, ende indien zijluijden die connen apprehenderen deselve te doen straffen met rigueur.

76.

Beloven bovendien niet te doen, jegens oft in preinditie van dit tegenwoordich Tractaet, nochte gedogen gedaen te worden directelick [ 31 ] off indirectelick, ende indien't gedaen ware't selve te doen repareren sonder eenige swaricheijt ofte uijtstel; Ende tot onder- houdinge van alle 't geene voors. is, verbinden sij henlieden respectivelick (:selffs de heer Coninck sichselffs en sijne successeurs:) ende voorde bondicheijt van deselve verbintenisse rennuncieren aen alle wetten, costumen, ende alle andere saecken daer jegens strijdende.

77.

Het jegenwoordich tractaet sal geratificeert en geapproveert worden, bij gedachte Heeren Coninck ende Staten, en sullen van wedersijden de brieven van Ratificatie van d'eene aen d'andere worden overgelevert in goede en behoorlijcke forme, binnen den tijt van twee maenden; En ingevalle deselve Ratificatie eerder mochten comen, sullen van dien tijt aff cesseren alle acten van hostiliteit tusschen beyde partijen, sonder de expiratie vanden termijn aff te wachten; Met dien verstande dat naer't besluijt en het teijckenen van het tegenwoordich tractaet de hostiliteit ten wederzijden niet en sal comen te cesseren, voor en aleer de ratificatie en forme sal wesen uijt gebracht, en jegens die vande voors. heeren Staten der Vereenichde Nederlanden uijtgewisselt.

78.

Sulcx dat ondertusschen de saecken ten wederzijden sullen blijven in soodanigen staet en toestant, als deselve ten tijde van't gesluijt van't tegenwoordige tractaet sullen worden gevonden, en dat ter tijt toe dat de bovengemelte werdersijts Ratificatie uijtgewisselt en overgelevert sal wesen.

79.

Het geseijde Tractaet sal alomme en daer sulcx behoort worden gepubliceert terstont nae dat de voors. Ratificatien ten wederzijden sullen sijn uijt gewisselt en overgelevert, en sullen van alsdan cesseren alle acten van Vijandschap. [ 32 ] [ 33 ] [ 34 ] Volght den jnhoudt vande Procuratie voorde Plenipotentiarissen vande Heeren Staten Generael. De Staten Generael der Vereenichde Nederlanden, Allen den geenen die desen sullen sien ofte hooren lesen Salut, Doen te weten, Alsoo wij Ons hierbevorens bij alle gelegentheijt met een oprechte sincere wille ende intentie seer genegen hebben getoont, Dat het langdurich Land verderffelick ende bloedich oorloch inde Nederlandsche Provincien, over veele Jaren verwect ende vervolgens tot nochtoe gecontinueert ter nedergeleijt soude hebben mogen worden, tot der selver Provincien gemeene beste ende soulagement vande goede Ingesetenen vandien, ende dien- volgens oock comen te vervallen ende te verdwijnen d'oorlogen in andere verre afgelegen plaetsen en Zeen, die uijt den voors. Nederlandschen Oorloch jegens onse wederpartije haren oorspronck hebben genomen, Ende sijnde met onderlinge accoort uijtgecosen de Stadt Munster in Westphalen, tot een versamelinge ende handelinge van een generale ruste inde Christenheijt, hebben [ 35 ] voor goet geacht te noemen personnagien dewelcke met alle authoriteit en volmacht fullen assisteren de voors. Versame- linge ende handelinge om te helpen adsopieren den voors. lang- durigen Land verderffelijcken en bloedigen oorlog inde Neder- landsche Provincien verwect, Soo ist, dat wij ons volcomentlick betrouwende opde Wijsheijt, Voorsichticheijt, Ervarentheijt, Intelli- gentie, gertouwicheijt, ende ijver tot den dienst der opgemelte Vereenichde Nederlanden, vande Heeren Bartolt van Gent, heer van Loenen en Meynerswijck, Amptman en Dijckgraeff van Bommel, Tielre, ende Bommelerweerden, Gedeputeerde in Onse Vergaderinge uijt het Lidt van die Edelen vande Procincie van Gelderlandt; Heer Johan van Matenesse, heer van Matenesse, Riviere, Opmeer, Souteveen ect. Gecommitteerde Raed uijt d'ordre vande Ridderschap ende Edelen van Hollandt en WestVrieslant, hoochheemraedt van Schielandt, Heer Adriaen Pauw, Ridder, heere van Heemstede, Hogersmilde, Rietwijck, Nieu- werkerck etc. Eerste Presiderende Raed ende Reeckenmeester des Graefflicheijts van Hollandt ende WestVrieslandt; Heere Johan de Knuijt, Ridder, heere in Oudt ende Nieuw Vosmer, eerste ende representerende den Adel inde Staten ende Raed van het Graeffschap van Zeelandt, Ordinaris Raed van sijne Hoogheijt den heere Prince van Orange; Heere Godart van Reede, heere van Nederhorst, Vredelandt, Cortehoeff, Overmeer, Horstwaert etc. Gecommitteerde in onse Vergaderinge uijt de Ridderschap en Edelen vande Provincie van Utrecht; Heere Frans van Donia, heere tot Hinnema in Hielsum; Heere Wilhem Ripperda, heere tot Hengeloo, Boxbergen, Boculoo, ende Russenborgh etc. Gecommitteerde in Onse Vergaderinge uijt de Ridderschap en Edelen vande Provintie van Overijssel; Heere Adriaen Clant tot Stedum, heere van Nittersum, respective Gedeputeerden in Onse Vergaderinge ende extraordinaris Ambassadeurs in Duijtslandt, Gevende deselve te samen, ofte ten minsten't meerendeel vandien (:by absentie ofte ongelegentheijt van [ 36 ] d'andere:) volcomen macht, authoriteit, generael en speciael bevel, omme uijt den name ende van Onsent wegen in qualite Plenipotentiarissen van desen Staet binnen de voors. Stadt Munster te hooren ende verstaen vande Heeren Plenipotentiarissen, vanden seer machtigen ende seer excellenten Prince, Don Philippe de vierde Coninck van Spagnien, de openinge van't geene de selve heeren Plenipotentiarissen vanden voors. Coninck sullen aenbrengen tot wechneminge vanden voors. langdurigen Land verderffelijcken ende bloedigen oorlog inde Nederlandsche Provincien verwect, ende die daer uijt haren oorspronck jegens onse wederpartije in andere verre afgelegen plaetsen ende Zeen hebben genomen, ende dienvolgens met deselve Heeren Plenipotentiarissen vanden meergenoemde Coninck treden in onderhandelinge ende tracteren oock besluijten een goet, vast, oprecht, ende onverbreeckelich tractaet van ruste, gelijck als zij heeren Plenipotentiarissen vandesen staet totten meesten dienst ende verseeckeringe vande Vereenichde Nederla- den, derselver goede Inwoonderen, als oock van hare Geassocieerde ende Gejnteresseerden inde voors. langdurige respective Oorlogen sullen bevinden te behooren. Ende hebben belooft ende beloven mits desen, ter goeder trouwen ende Onder obligatie van Ons ende Onser successeuren in't generael ende particulier, voor altijt goet, valt ende van waerden te houden 't geene bij Onse opgemelte Heeren Plenipotentiarissen deses aengaende geaccordeert ende besloten sal worden, 't selve te ratificeren onverbreeckelijcken te onderhouden, ende doen onderhouden, sonder daer jegens immermeer te doen ofte gedogen gedaen te worden, in eeniger manieren directelick ofte indirectelick; Des ter oirconde hebben wij desen doen parapheren met onsen grooten zegel doen zegelen, ende bij Onsen Griffier doen teeckenen, in Onse Vergaderinge in 's Gravenhage den tweeentwintichsten Maetij xvj. c en ses en veertich; was gepharapheert Johan van Reede V.t. Opde plijcque stont, Ter Ordonnantie vande Hoochgemelte Heeren Staten Generael, ende geteeckent Cornelius Musch. Hebbende onder aen hangen het groote zegel [ 37 ] vande Staten Generael in rooden Wassche aen een dobbelde gevlochte coorde van gout en roode zijde. In kennisse van alle 't geene voors., hebben wij Ambassadeurs Extraordinaris ende Plenipotentiarissen vande voors. heeren Coninck van Spagnien etc. ende Staten Generael vande voors. Vereenichde Nederlanden, in crachte van onse respective Procuratien dit tegen- woordich tractaet onderteijckent, ende met het cachet van onse wapenen bevesticht. Gedaen tot Munster in Westphalen, den dertichsten Januarij sestien hondert acht en veertich.

O El Conde de penaranda O Bartolt van Gent

O A. Brun O Johan van Matenesse

O Adriaen Pauw

O J. d. Knuijt

O G. van Reede

O F. v. Donia

O Wilhelm Ripperda

O Adr: Clant [ 38 ] [ 39 ] [ 40 ]

<references>